Ter variatie op het vragenstellen doe ik ook wel eens een uitspraak die niet klopt - in plaats van een vraag te stellen dus.

Er was bijvoorbeeld een klein roze libelletje dat een bril nodig had en naar de opticien in Parijs is gegaan om een speciale bril te zoeken. Tussen al het cirkelen = vragen stellen door zeg ik opeens, met het gebaar van heel groot erbij: "Er is een hele grote roze libel!" Je ziet de klas nadenken: “Begrijpen we dat goed : groot?!” Men kijkt elkaar aan en dan roept iedereen verontwaardigd in koor: “Noooon, petite!" of als ze al iets verder zijn: "Non, une petite libellule rose!”  En dan zeg ik met een onschuldige blik: "Aaaah, oui, il y avait une petite libellule rose, il n’y avait pas de grande libellule rose!"  En dan moeten ze lachen en kijken mij zo aan van ‘’Grappenmaker! Ons neem je niet in de maling!” Hebben jullie nog bepaalde variaties op het vragen stellen? Hieronder zet ik de gebruikte (Franse) structuren, vocabulaire, cognaten en TPR woorden

Structuren
il y avait  er was
avait besoin de had nodig
est allée à… is naar … gegaan 

Vocabulaire
une libellule een libel
des lunettes een bril
pour chercher om te zoeken

Cognaten
spéciales  speciaal
rose roze
un opticien een opticien

TPR
petite klein
grande groot
cherche/cherchez
zoek(en)

Met collegiale groeten,
Alike Last

2 Reacties op “Een klein roze libelletje”

  1. Anouk zegt:

    misschien een idee om de leerlingen een keuze te geven tussen 3 dingen. als het niveau weer hoger kan.
    klein
    groot
    zonder vleugels
    Of het heel verhaal op verschillende punten verdraaien. zodat de leerlingen helemaal enthousiast zijn bij het opletten en horen van de veranderingen in het verhaal.
    Misschien het makkelijkst met een stripverhaal, die al verschillende keren is besproken (of samen met de klas samengesteld)

  2. alikelast zegt:

    Misschien vergis ik me, en bij voorbaat excuses als het zo is, maar ben je bekend met de vragentechnieken van TPR Storytelling en werk je ermee?

    Meer over de vragentechnieken van TPRS lees je o.a. in ‘Storytelling voor het talenonderwijs, handboek TPRS voor docenten MVT en NT2′ Van Blaine Ray en Contee Seely, in de hoofdstukken:
    #2 : Basisprincipes en basistechnieken
    #4 : Een miniverhaal maken door vragen te stellen
    #7 : TPRS-vaardigheden en -technieken

    En in ‘TPRS in a year’ van Ben Slavic (Engelstalig) de skills:
    #5 : Circling
    #16: Asking the story
    En de voorbeeldverhalen, Sample stories A, B, C en D

Reageer


6 − = vier