Afgelopen week merkte ik dat ik niet alleen als docent, maar óók als leerling nog wel eens verval in oude gewoontes. Ik zat als deelnemer én coach in een proefles Nederlandse Gebarentaal met TPRS. Het was de bedoeling dat ik de docent, die TPRS aan het leren is, feedback zou geven over de les. En dat was helemaal niet gemakkelijk! Blijkbaar vind ik het toch moeilijker om een les in gebarentaal te beoordelen dan een les in gesproken taal, omdat er bij gebarentaal zoveel andere dingen komen kijken dan bij een gesproken taal.

In het begin was het bijvoorbeeld niet voor iedereen duidelijk dat de docent een vraag stelde. Ze had net gebaard (en de betekenis met woorden en plaatjes duidelijk gemaakt) “mijn naam is Iris”, en vroeg toen aan een cursist: “is jouw naam Iris?” De cursisten begrepen niet dat dit een vraag was. De automatische reactie van de docent was: de vraag aan iemand anders stellen, de bevestigende zin nog eens herhalen, nóg eens de vraag stellen, enzovoort, net zolang tot we hadden geraden wat het betekende. Dit is een werkwijze die veel wordt gebruikt, maar die in TPRS juist níet wordt gebruikt. Het effect is namelijk dat mensen moeten gaan raden en onzeker worden. Bovendien kost het veel tijd, kostbare tijd die beter aan begrip en verwerving besteed kan worden. De TPRS-manier om dit op te lossen is: de vertaling op het bord schrijven. Dit is HEEL BELANGRIJK! Het is dan in één keer duidelijk wat je bedoelt. Bovendien kon de docent de “vertaling” dan gebruiken om duidelijk te maken hoe wij konden zien dat ze een vraag stelde, door op de woorden te wijzen bij het gebaren, en door verband te leggen tussen het vraagteken en de hoofdhouding en gezichtsuitdrukking (waaruit blijkt dat je een vraag stelt). Dit is grammatica in context, ofwel betekenisgrammatica.

Ook was ik als deelnemer dankbaar voor uitleg die ze gaf over het ontbreken van een mondbeeld bij persoonlijk voornaamwoorden (dit betekent dat je mond niet beweegt als je op een persoon of naar jezelf wijst). Zeker als taaldocent die ervan houdt talen uit te pluizen en op basis van regeltjes zinnen in elkaar te knutselen vond ik het prettig om deze informatie te krijgen. Ik wist wel dat het niet des TPRS is, maar kon pas ná de les bedenken hoe het dan wél had gemoeten. In TPRS geldt: géén algemene regels! Alle uitleg die je geeft, gaat alléén over precies dát wat je net hebt gezegd. Dus als de docent gebaarde “ik heet Iris”, dan hoefde ze alléén te laten zien dat bij “ik” geen mondbeeld hoort. Op een ander moment gebaarde ze “hij heet Tom”, en kon ze laten zien dat bij “hij” geen mondbeeld hoort. Dit is wat ze noemen “grammatica-popups”, of ook wel “betekenisgrammatica”. Het gaat altijd om de betekenis van de woorden/gebaren/mondbeeld op DAT moment. Hiermee krijg je het voor elkaar dat mensen gaan gebaren ZONDER na te denken. Zodra je een regel gaat geven, gaan mensen nadenken bij het gebaren, en gaat de communicatie haperen!!!

Het was voor mij heel leerzaam om na te denken over TPRS ten behoeve van gebarentaal, en om te merken dat ik als deelnemer en talenfreak anders reageer dan als coach. Wil dat dan zeggen dat ik het als coach helemaal mis heb? Ik denk van niet. Als coach overzie ik het hele leerproces, als deelnemer alleen dat kleine stukje waar ik mee bezig ben.

In welke oude gewoonten verval jij nog wel eens? Als docent? En als leerling?

Kirstin Plante

3 Reacties op “Gebarentaal en oude gewoonten”

  1. Alike Last zegt:

    Interessant onderwerp, Kirstin! Ik wil niet zozeer reageren op die oude gewoontes, als wel op het feit dat ik me afvraag of je – bij TPRS met Gebarentaal – net zoals bij AIM gebeurd, niet alleen kunt gebaren maar ook meteen hardop zeggen wat je gebaard (wat een raar woord is dit eigenlijk als je het geschreven ziet). En ik besef dat dit dan alleen kan bij horenden die NL Gebarentaal leren… Op die manier heb je ook een akoestische vertaling, niet alleen een schriftelijke. Ik kan me voorstellen dat dit een versnelling kan geven aan het leerproces (van horenden)

  2. Kirstin zegt:

    Hoi Alike,
    Een auditieve vertaling kan handig zijn, maar wordt niet gebruikt omdat ten eerste veel docenten zelf doof zijn en niet kunnen spreken, en ten tweede omdat een onderdeel van het leren van gebarentaal is: het eraan wennen dat je géén stem gebruikt. En eraan wennen dat je informatie visueel moet verwerken, en niet auditief. Het is wel interessant om hier over na te denken. Ik ben nog veel aan het ontdekken! 

  3. Tom Uittenbogert zegt:

    Hoi Alike en belangstellenden,

    Hier een seintje van ons:

    We hebben een nieuw cursus TPRS “Introductie tot het Hele verhaal in Gebarentaal” voor jullie.
    Nieuwsgierig naar de Gebarentaal? Wil je Gebarentaal leren?

    Er zijn plaatsen vrij voor de locatie Amsterdam, Eindhoven en Utrecht.

    De eerste les start in de eerste week van februari 2014.

    Hartelijk groeten,
    Gebarentaal voor Iedereen

Reageer


vier × 2 =