Waarom een samenvatting maken?

Er zijn verschillende manieren om actief bezig te zijn met de leerstof. Het maken van huiswerk is een begin.

 De leerstof is al eens doorgenomen; de stof is gelezen en opdrachten zijn gemaakt. We zullen nu kijken naar het samenvatten van teksten, dat wil zeggen het samenvatten van een tekst in een leerboek en het samenvatten van een artikel.

Allereerst gaan we kijken naar het samenvatten van een tekst in een leerboek. In de meeste schoolboeken wordt aan het eind van het hoofdstuk al een beknopte samenvatting gegeven. Je hebt misschien de neiging om deze samenvatting over te nemen, maar dan heb je nog niet de kern uit de tekst geleerd. Het gaat niet om de samenvatting zelf maar het samenvatten op zich.

Wat is een samenvatting?

  • een verkorte weergave van de leerstof

  • in eigen woorden opgeschreven

  • brengt structuur aan in de leerstof door onderscheid te maken tussen hoofd- en bijzaken

  • een hulpmiddel om kennis goed op te slaan in het geheugen

  • helpt je de leerstof actief te beheersen, dat wil zeggen de leerstof te begrijpen en toe te passen in andere situaties.

Hoe maak je een samenvatting van de leerstof?

Voorbereiding op het schrijven van een samenvatting

  • Verken de tekst.

  • Lees de kopjes en zet ze in een overzicht (maak er bijvoorbeeld een rijtje van).

  • Bekijk hoeveel alinea's er zijn.

  • Elke alinea begint of eindigt vaak met een belangrijke zin. Ga op zoek naar deze zinnen.

  • Zoek belangrijke woorden die je niet begrijpt op.

  • Noteer vetgedrukte woorden op een apart vel.

  • Lees de samenvatting achterin het hoofdstuk door.

  • Maak een samenvatting van de leerstof.

  • Maak een samenvatting van je eigen geschreven samenvatting.

Om het samenvatten te oefenen kun je de volgende opdracht maken. Je maakt van een best moeilijke tekst een samenvatting aan de hand van een stappenplan. Bij het nakijken van de samenvatting is het het allerbelangrijkst om te letten op de structuur. De inhoud is in de eerste poging minder belangrijk. Structuur wil zeggen dat je de titel, paragrafen en tussenkopjes markeert en later in de samenvatting zet. Daarnaast maak je een overzicht van moeilijke en vetgedrukte woorden. Vervolgens ga je proberen om je eigen kennis (wat je al weet) in de samenvatting te zetten, voorbeelden te geven, verbanden tussen stukjes tekst of woorden te leggen. Het is niet erg als je letterlijk zinnen overschrijft uit de tekst. Je bent dan eigenlijk nog op zoek naar de kern. Je kan dan het beste in de samenvatting de kern proberen te markeren en opnieuw een samenvatting te schrijven van je eigen samenvatting. Probeer telkens na te denken over 'wat is het onderwerp?' of 'wat weet je zelf al over het onderwerp? 

De opdracht: samenvatten leerstof 

 Hoe maak je een samenvatting van een artikel?

Om een tekst goed te begrijpen, om de gedachtegang van de auteur goed te volgen, is het belangrijk om de hoofdgedachten uit een tekst te herkennen en deze met elkaar in verband te kunnen brengen.

 

Allereerst is het belangrijk om de structuur van de tekst te vinden. Door de structuur in de tekst waar te nemen ben je beter in staat om:

  • de inhoud snel te verkennen

  • doelgericht te lezen

  • een samenvatting van de tekst te maken

Vervolgens probeer je het artikel in zijn geheel in één zin samen te vatten. Een eerste concept-samenvatting kan als volgt gemaakt worden:

  1. Begin met de zin die het hele artikel samenvat.

  2. Schrijf daaronder de zinnen die de opeenvolgende denkfasen samenvatten.

  3. Breng structuur en verbanden tussen de delen aan, bijvoorbeeld met signaalwoorden.

Schrijven is schrappen! Verwijder herhalingen en overbodige informatie. Probeer alles zo kort en kernachtig mogelijk te formuleren. Hiervoor ga je naar de kernzin in elke alinea kijken.

Vervolgens ga je proberen hoofdzaken van bijzaken te onderscheiden. Durf te selecteren. Juist het niet uit elkaar halen van hoofd- en bijzaken is er de oorzaak van dat je de grote hoeveelheid informatie niet goed kunt samenvatten.

Controleer of je samenvatting de belangrijkste onderwerpen uit het artikel bevat. Maak eventueel een schema van de zinnen die je gemaakt hebt uit de kernzinnen en sleutelwoorden. Lees de samenvatting nog eens na en maak er een vloeiende tekst van. De samenvatting moet uiteraard grammaticaal goed zijn en geen spel-, taal- of stijlfouten bevatten.

Kijk kritisch naar de tekst en je samenvatting:

  • Waarom is dit artikel geschreven? Zorg dat het antwoord op deze vraag blijkt uit de samenvatting.
  • Voor wie is het artikel geschreven? Wil de auteur een bepaalde groep mensen aanspreken of overtuigen (politici, activisten, juist de “gewone man of vrouw”, een bepaald machtsblok in de samenleving, enz.)
  • Door wie is het artikel geschreven? Wat is de achtergrond van de auteur? Is hij/zij subjectief of objectief? Wat is zijn/haar gezichtspunt?
  • Wat is de bedoeling van de auteur? Als je dit begrijpt ben je beter in staat hoofdzaken van bijzaken te onderscheiden.
  • Hoe onderbouwt de auteur zijn beweringen?
  • Wat zijn de belangrijkste beweringen en argumenten? Zijn deze juist?

  Hoe herken je structuur in een tekst?

Lees en noteer de titel, de paragrafen (als die er zijn) en tussenkopjes. Deze vertellen waar de tekstdelen over gaan en meestal is dat voldoende om de belangrijkste ideeën te begrijpen.

Let op signaalwoorden! Signaalwoorden zijn woorden waarmee de auteur de structuur en gedachtegang aangeeft. Deze signaalwoorden kunnen je veel vertellen over de verhouding, die een alinea heeft t.o.v. de vorige of volgende alinea. Er zijn verschillende soorten signaalwoorden:

  • Opsomming: ten eerste, en, eveneens, zowel … als, tevens, daarbij, vervolgens, bovendien, verder, ook, een andere, daarnaast, ten slotte, tot slot.

  • Toelichting/voorbeeld: zoals, bijvoorbeeld, zo, een voorbeeld, dat blijkt uit, dat komt voor bij, ter illustratie, onder andere, neem nou, u kent het wel, ter verduidelijking.

  • Volgorde: eerst, vervolgens, dan, daarna, later, voorafgaand, toen, terwijl, voordat, nadat, zodra, intussen, vroeger.

  • Oorzaak/gevolg: door, waardoor, daardoor, doordat, zodat, te danken aan, te wijten aan, als gevolg van, dientengevolge, had als gevolg, wegens.

  • Doel/middel: om … te, door te, door middel van, met behulp van, opdat, daarmee, daartoe, teneinde, met als doel, daarvoor.

  • Voorwaarde: als, indien, mits, wanneer, tenzij, stel dat, in het geval, aangenomen dat.

  • Reden/verklaring: want, omdat, dat blijkt uit, hierom, derhalve, aangezien, vanwege, wegens, namelijk, immers, daarom.

  • Vergelijking: net als, zoals, evenals, hetzelfde als, in vergelijking met, vergeleken met.

  • Tegenstelling of contrast: enerzijds/anderzijds, niettemin, toch, echter, maar, daarentegen, toch, integendeel, in plaats van, in tegenstelling tot, daar staat tegenover, desondanks.

  • Mate van belangrijkheid: erg, zeer, bijzonder, meest.

  • Samenvatting of conclusie: dus, kortom, concluderend, samenvattend, hieruit volgt, uiteindelijk, hieruit kunnen we afleiden, samengevat, alles bij elkaar, met andere woorden, al met al, daarom, dat houdt in, alles overziend, alles afwegend, slotsom.

Sleutelwoorden helpen om een tekst of een tekstgedeelte te begrijpen. Maak onderscheid tussen: definities, stellingen, hypotheses, voorbeelden e.d. Bekijk modellen, diagrammen, grafieken e.d. en lees de onderschriften. Let ook op de indeling van de tekst in alinea's. Een nieuwe alinea gaat meestal over een ander onderwerp. In de eerste alinea geeft de auteur vaak aan waar het over gaat. In de laatste alinea vat hij/zij het beknopt samen.

Zoek de kernzin waarin het belangrijkste van de alinea staat. De belangrijkste informatie, of het onderwerp van een alinea, staat in een kernzin. Alle andere zinnen in de alinea zijn hieraan ondergeschikt. In de kernzin staat meestal meer algemene informatie dan in de andere zinnen van de alinea. De kernzin is vaak de eerste, de tweede of de laatste zin van de alinea. In het begin van de alinea geeft de schrijver vaak de structuur aan met een aankondiging of met schrijftaalwoorden. Bijvoorbeeld: “Ik zal nu meer vertellen over…” of “Ik wil drie belangrijke oorzaken hier verder uitwerken….” Zulke structurerende zinnen helpen je bij het vinden van de kern van een alinea.

Vat de kernzin kort samen. Schrap de woorden of zinsdelen die niet belangrijk zijn. Vaak kun je de kernzin al beschouwen als een samenvatting van de alinea!

 Alinea's ontleden

Alinea's zijn stukken tekst. Vaak gaat een alinea over een deelonderwerp van de hele tekst. Soms is een alinea een uitwerking van een (deel)onderwerp uit een eerdere alinea.

Je kunt de alinea's stuk voor stuk benaderen. Hiervoor is het wel belangrijk dat je dat doet vanuit de gehele tekst. Na het verkennen van de tekst heb je een idee gekregen van het onderwerp (en eventueel deelonderwerpen) van de hele tekst. Dit moet je steeds in je achterhoofd houden als je alinea's gaat ontleden. Het helpt om het onderwerp en deelonderwerp in een overzicht (bijvoorbeeld een mindmap) te zetten.

Nadat je per alinea de kernzin kort hebt geformuleerd, ga je de kern van de alinea in eigen woorden weergeven. Dat kun je als volgt doen:

  1. Schrijf de sleutelwoorden uit de kernzin op.

  2. Per alinea, in eigen woorden, zinnen formuleren met deze sleutelwoorden.

  3. Vergelijk daarna de zinnen met de oorspronkelijke tekst. Controleer of alle belangrijke elementen in de samenvatting staan.

 Verbanden tussen alinea's

Om te zien wat er belangrijk is in een tekst en om de structuur te herkennen, moet je kijken naar:

  • de verbanden die de auteur zelf legt tussen de deelonderwerpen uit de alinea's

  • de functie van de alinea's

Hierbij kunnen signaalwoorden uit de tekst goed van pas komen. Kijk goed naar de verbanden tussen de alinea's, waarvan je de kern al eerder hebt opgeschreven. Denk bijvoorbeeld aan oorzaak/gevolg relaties, vergelijking/contract of probleem/oplossing. Geef de verbanden duidelijk in je samenvatting aan en gebruik daarvoor zelf ook signaalwoorden.

In een tekst kun je vaak hoofdgedachten herkennen. Meestal bestaat zo'n hoofdgedachte uit een blok van alinea's die bij elkaar horen. Zo'n blok van alinea's gaat dan over een deelonderwerp van de tekst. Dit onderwerp wordt meestal aan het begin of aan het eind van het blok aangekondigd met een stelling of een vraag en afgesloten met een conclusie of samenvatting. De tussenliggende alinea's zijn dan een uitwerking of onderbouwing van het deelonderwerp.

Als in een alinea een punt herhaald wordt, of als er een voorbeeld wordt gegeven, kun je de alinea meestal weglaten uit je samenvatting. Maar vaak heeft een schrijver in elke alinea wel iets belangrijks te melden dat in je samenvatting moet terugkomen. Bij een herhaling van punten zou dat bijvoorbeeld een nuancering kunnen zijn van een eerder beschreven gedachte.

Hoe houd je hoofdzaken en bijzaken uit elkaar?

Een hoofdzaak is datgene wat je als onmisbare informatie ziet in een tekst. Je kunt de hoofdzaken in een tekst pas aangeven als je de tekst goed gelezen hebt en je begrijpt waar de tekst over gaat. Het verkennen van een tekst kan je al aanwijzingen geven. Wat de hoofdzaken zijn, wordt mede bepaald door het doel waarmee je de tekst leest.

Hoofdzaken kunnen zijn:

  • de essentie van de tekst

  • de kerngedachten

  • het centrale thema

  • de uitspraken die de structuur van de tekst aangeven

  • relaties, grondbegrippen, uitgangspunten, conclusies, principes, ofwel alles wat samenhang aangeeft.

Bijzaken kunnen zijn:

  • beweringen die niet direct in verband staan met de grote lijn van de tekst

  • dingen die je al weet

  • de inleiding of een situatieschets waarmee de auteur zijn betoog begint

  • onderbouwing in de vorm van verwijzingen naar andere artikelen of boeken

  • beschrijvingen van commerciële producten en diensten, die je bijvoorbeeld op websites veel aantreft

  • herhalingen

  • voorbeelden

  • toelichtingen

Door onderscheid te maken tussen hoofdzaken en bijzaken kun je de relevante informatie selecteren en kun je het beter onthouden. Als je de hoofdzaken goed begrijpt en hebt verankerd in je geheugen, kun je de bijzaken en details makkelijker toevoegen, begrijpen en onthouden.

Opdracht: structuur van een artikel

Reageer


negen × 2 =