Kerntaal: verzameling basiswoordenschat

(Teleac) : Kerntaal

Woordjes leren = woordenschat opbouwen

www.wrts.nllogo-kopbalk-wrtsdelen.gif

Hierboven zie je een link naar het programma Wrts, waarmee je woorden kunt trainen. Hieronder nog een paar praktische tips zoals ze ook op verschillende schoolsites terug te vinden zijn:

In het menu rechts ook nog apart tips voor dyslectische leerlingen.

Woordjes leren: hoe pak je dat aan?

Algemene tips

  • Begin niet de dag voor de toets met leren, maar een paar dagen van tevoren;
  • Oefen eerst net zolang totdat je de woorden mondeling goed kent. Ga dan pas leren door middel van opschrijven.
  • Zorg ervoor dat je alle vocabulaire oefeningen goed en zorgvuldig nakijkt;
  • Als de hoeveelheid woordjes groot is, leer het dan in delen;
  • Ga in een ruimte zitten waar je rustig en geconcentreerd kunt leren;
  • Als toetsmiddel kun je jouw ouders of medeleerlingen een proef overhoring laten maken, mondeling of schriftelijk (bijvoorbeeld in een tussenuur);
  • Een woord dat je moeilijk vond om op te schrijven, kun je nog een aantal keer herhalen of in lettergrepen/deeltjes leren, bijv. asociacion (a - so - cia - ción);
  • Schrijf de moeilijke woordjes altijd op! Het is niet verstandig om alleen maar de woordjes te lezen. Op de overhoring moet je ze tenslotte ook spellen;
  • Wissel het leer- en maakwerk af;
  • Voor dyslectische leerlingen: zorg dat je duidelijke afspraken met je docent maakt over de juiste manier van toetsen!

TIP 1: Wrts

Dit online computerprogramma kun je gebruiken bij het leren van de woordjes. Je kunt zelf de woordjes invoeren (maar er zijn ook al veel kant en klare pakketten, vraag je docent). De computer overhoort je. Doe dit niet één keer, maar meerdere keren! Doe dit ook niet achter elkaar. Ga naar www.wrts.nl en maak je eigen account aan!

  1. Voer de woordjes in en oefen het één keer. Ga daarna iets heel anders doen, een pauze houden.
  2. Ga weer een paar keer oefenen. Je zult zien dat in de meeste gevallen het cijfer steeds hoger wordt. Ga weer iets heel anders doen.
  3. Ga het een paar keer oefenen. Besluit na deze twee keer of je nog meer keren nodig hebt.

Voordeel: als je geïnteresseerd bent in het werken met de computer, maakt dit het een stuk leuker om je woordjes te leren.

TIP: Begin meerdere dagen van tevoren! Als je op de laatste dag leert, zul je merken dat je de woordjes weer snel vergeet.

TIP 2: woordenlijst

Héél veel leerlingen vergeten dat je met lezen alleen er niet komt. Het is dus heel belangrijk dat je de woordjes opschrijft. Je kunt hiervoor een woordenlijst maken. Je vouwt je blaadje in de lengte doormidden. Op de ene helft schrijf je de Nederlandse woordjes en op de andere helft schrijf je de vertaling. Je vouwt het blaadje zo, dat je maar één kant ziet. Je gaat dan controleren hoeveel woordjes je al weet. Tot slot kun je je ook weer laten overhoren door je ouders of medeleerlingen.

Voordeel: je leert de woordjes spellen en vertalen. Je kunt de woordjes die je al weet wegstrepen.

Nadeel: je denkt vaak na één keer: ik ken het al. Maar je zult zien dat je het snel weer vergeet.

TIP: herhaal het veel! Niet allemaal achter elkaar, maar verspreid het over meerdere dagen.

TIP 3: de handcomputer

Wat is nou een handcomputer? Bij de docent kun je een stapel kaartjes vragen. Op elk kaartje schrijf je een woordje dat je leren moet. Op de achterkant schrijf je daarna de vertaling. Dit doe je met alle woorden!

TIP: Als je met het programma Wrts (www.wrts.nl) werkt kan Wrts ook kant en klare woordkaartjes voor je printen!

Je moet er wel voor zorgen dat je bij de kaartjes de juist vertaling bij het juiste woord zet. Zorg er verder ook goed voor dat je de woordjes goed overschrijft. Door het goed over te nemen ben je al héél veel bezig geweest met het schrijven van de woordjes.

  1. je legt de kaartjes op een stapel.
  2. bij elk woord kijk je of je vertaling weet. Weet je het? Dan leg je het kaartje op de stapel GOED. Weet je het niet? Dan leg je het kaartje op de stapel FOUT. Dit doe je met alle kaartjes.
  3. Op deze manier probeer je de stapel met FOUTE kaartjes zo klein mogelijk te maken. Je moet dit stapeltje dus veel herhalen.
  4. Stop daarna weer alle kaartjes bij elkaar en begin opnieuw. (Schud de kaartjes van tevoren,zodat je elke keer een andere volgorde hebt.)

Voordeel: geschikt voor tijdens de reclame. Even snel de handcomputer doen!

Nadeel: kost veel tijd om alles over te schrijven en op orde te leggen.

TIP: Neem de tijd voor het overschrijven. Thuis (of tijdens een tussenuur) kunnen je ouders (of een klasgenoot) je een paar kaartjes voorleggen ter controle.