Al De Dagen

“Ik zie u, al de dagen, tot aan de voleinding van groep 8.” Woorden die iedere leerkracht tegen een kind zou kunnen spreken ten tijde van een inschrijving. Ware het niet dat je Verklaring Omtrent Gedrag waarschijnlijk wordt afgepakt bij zulke nieuwtestamentische bewoordingen. Hoe dan ook, nog een paar weken en dan is het schluss voor groep 8. Dit jaar heb ik een rustig groepje met jongens en meisjes en dat zou een reden kunnen zijn dat de eindejaarskoorts maar langzaam op gang komt. Wat, Frank? De eindejaarskoorts. Het moment dat kinderen verstandelijk een overstap maken naar de brugklas. Plotseling wordt er geprotesteerd bij alledaagse handelingen als het openen van een rekenboek (er moet namelijk alleen nog maar ‘leuks’ gedaan worden) en men debiteert soms iets te scherpe opmerkingen tegen de meester of juf. (Om vervolgens rood te worden en een excuses te stamelen.) Vandaag vroeg ik via een werkblad aan de kinderen enkele vragen met betrekking tot het afsluiten van de basisschoolperiode. Lees maar even mee:

 

Lees verder »

Pesten Ontdekkert

Staatssecretaris Dekker van Onderwijs heeft in een vergadering bekend gemaakt dat scholen niet alleen zijn aan te wijzen als het om het bestrijden van pesten gaat. Blijkbaar hebben de vaders en moeders van kinderen hier ook iets mee van doen. Ik moet ruiterlijk bekennen dat ik daar nog niet eerder aan gedacht had. De notie dat de primaire opvoeders een cruciale rol kunnen hebben in de morele vorming van hun kind(eren) is een pedagogische noviteit.

Kuch.

Lees verder »

Vreemde Zeeën

 

Leerkrachten moeten eigenlijk verplicht worden om elk jaar minstens een of twee gastsprekers in het klaslokaal te halen. De voordelen hiervan ga ik nu niet bespreken, al lijken ze me voor de hand liggend voor iedereen die dagelijks kennis tracht over te brengen aan een verzameling kneedbare geesten. Hoe dan ook, een geroutineerde leerkracht zal opmerken dat een minder bedreven spreker de neiging heeft om kinderen het woord te geven die graag aan het woord zijn. (Te herkennen aan een vinger die continu in de lucht steekt, onophoudelijk oogcontact en soms zelfs – in afwachting van het beantwoorden van de vraag – geluidjes als ‘unhhh, unhhh!’) Wie blijven er dan nog over? Sowieso de kinderen die het antwoord op de vraag niet weten. En… de kinderen in wiens aard het niet ligt om en plein public het woord te nemen. Kinderen die stil zijn. Verlegen? Nee, stil.

Er is een mooi verhaal over een schrijver die op zoek was naar de grootste ontdekkingsreiziger ooit. Columbus? James Cook? Zijn onderzoek bracht hem naar een wijze man, die hem wist te vertellen dat de grootste ontdekkingsreiziger was overleden en een plek in de hemel had. Dus ging de schrijver naar de hemelpoort en vroeg daar aan Petrus waar de wereldwijze avonturier te vinden was. Petrus wees naar een simpele jongeman die iets verderop op een bankje een boek aan het lezen was. “Hij?!” riep de schrijver verbaasd. “Maar ik ken hem! Die kerel is geen ontdekkingsreiziger, hij had een boekenwinkeltje twee straten van waar ik woon.” “Dat klopt,” zei Petrus, “maar als hij de juiste kansen gekregen had, was hij zeker de grootste ontdekkingsreiziger ooit geweest.”

Lees verder »

Met Geen Pen Te Beschrijven

Lees verder »

Toe, kom, ssst!

De Angelaschool in Boxtel start een proef met nieuwe schooltijden. Van 8:00 uur in de ochtend tot 14:30 uur is er een “educatief programma”, daarna kunnen de kinderen paintballen, lasergamen of bungeejumpen “van een nader te bepalen brug over de Dommel”. Ik zit dit te typen met een glimlach, Trouwe Lezer. “Van een nader te bepalen brug.” Haha. Afijn. Het kan nog erger want ‘s middags is er een siësta. Waarom? “Dit omdat er nogal wat seniordocenten op school zijn.” Ik stel me zo voor dat de kinderen zich even zelfstandig vermaken terwijl juf Gertie weer wat energie in haar ouwe donder snurkt. Really? “Nee, het spijt me. Meester Rob kan nu niet aan de lijn komen. Over een minuutje of tien is hij wakker. Zal ik vragen of hij u terugbelt?” Toch beweegt er iets interessants achter al die malle fratsen die de “Angela Schooltijden Denktank” bij elkaar heeft gesprokkeld. Daar gaan we het zo over hebben, eerst het artikel maar even lezen:

Lees verder »

Is Een Leerkracht Zonder Kinderen Een Minder Goede Leerkracht?

In mijn omgeving is het kinderen wat de klok slaat. Dat krijg je als je 34 jaar bent. Want statistisch gezien zijn je vrienden dan ook ongeveer van die leeftijd en statistisch gezien worden de voorbehoedsmiddelen dan steeds vaker in het nachtkastje gelaten. R&P hebben een dochter, J&J hebben een dochter en een zoon, K&B hebben een zoon, M&A krijgen over twee weken een kind (geslacht nog een geheim) en R&J zijn al een poosje bezig zwanger te worden. Ik, De Eeuwige Vrijgezel, word dan steeds vaker aan het denken gezet. Wil ik kinderen? (Ja.) Zie ik het snel gebeuren? (Nee.) Zou ik het jammer vinden als ik nooit kinderen zou krijgen? (Ja.)

Mijn ouders waren er vroeg bij. De laatste tijd denk ik er vaak aan dat mijn vader op mijn huidige leeftijd zijn vier kinderen al had. Een vreemde gedachte. Hij had al vier kinderen en was jonger dan ik. Hoe zou ik op mijn vader reageren als hij een ouder was van een kind in mijn klas? En daaruit voortkomend; was mijn vader op die jonge leeftijd een goede vader?

Toen ik net geboren was, stierven mijn vaders ouders vlak na elkaar. De een was ziek en overleed, de ander werd daar ziek van en stierf. Mijn zus was toen een klein meisje van 7 jaar. Toen mijn vader afscheid nam van zijn vader, lag ze in het midden van de nacht in bed te slapen. Later, in het donker, werd ze wakker van iemand die op de rand van haar bed ging zitten. Het was mijn vader. Mijn zus vroeg wat er aan de hand was. Mijn vader haalde haar tussen de warme dekens vandaan en nam haar op schoot. “Opa is dood,” zei hij en begon te huilen met die zachte en hoge uithalen die ikzelf in mijn leven maar twee keer heb gehoord. Mijn zus huilde mee. Ik denk dat mijn vader (ook) toen een goede ouder is geweest.

Dan de volgende vraag: Is een leerkracht zonder kinderen een minder goede leerkracht? Het volgende (Engelse) artikel denkt van wel. Lees maar mee:

(null)

Goeroes

In 1953 publiceerde de Oostenrijker Heinrich Harrer zijn Tibetaanse belevenissen met de jonge Dalai Lama. Een prachtig boek met een schitterende openingszin – “All our dreams begin in youth.” Ergens in het boek (en later stamelt een geblondeerde Brad Pitt iets soortgelijks in de verfilming) spreekt Heinrich zijn bewondering uit voor de jonge spirituele leider. Deze moet daar echter niets van hebben en serveert de Oostenrijker een gepast Boeddha-citaat: “Je krijgt geen redding door naar me te staren. Het vereist krachtige inspanning en oefening. Werk hard en zoek je eigen redding!”

In het Nederlandse onderwijs van tegenwoordig lijken we soms de weg een beetje kwijt te zijn. We weten wel zo ongeveer welke richting we op willen, maar er zijn er maar weinig die de autosleutels van het haakje pakken en behoedzaam optrekken vanuit de eerste versnelling. De meesten van ons zitten nog aan de keukentafel, plattegronden opengespreid en dampende theemok tussen de handen geklemd. We hebben behoefte aan een onderwijsidool. Iemand die ons bij de hand neemt en de weg leidt. Maar ik vraag me af of dit nu zo’n goede ontwikkeling is.

Neem nu Toshiro Kanamori. Een goede schoolmeester uit Japan die een poos geleden door een camera gevolgd werd in zijn klaslokaal. De documentaire die daarvan gemaakt werd (Children: Full of Life) kreeg een paar prijzen en didactisch Nederland sloeg een beetje op hol. Directeuren en schoolleiders trakteerden vergadervermoeide lerarenteams met fragmenten uit de documentaire, instellingen nodigden Kanamori uit voor een tournee door Nederland en grote roedels juffen en meesters sloegen je om de oren met tips en adviezen uit het boek ‘Levenslessen van meester Kanamori’. Een boek met een minimalistisch, gekalligrafeerd voorblad want blijkbaar doet Kanamori denken aan een zenmonnik. Tut, tut, tut, onderwijzend Nederland. Was dat nou nodig?

Van hetzelfde laken een pak is de plotselinge verschijning van Leraar (en Krullenbol) van Het Jaar Ellen Emonds in elk onderwijsgerelateerd televisieprogramma, tijdschrift, website, bijeenkomst en vogeltentoonstelling. Ze heeft haar benoeming ongetwijfeld verdiend, maar ik merk dat in de gemiddelde basisschoolkoffiekamer haar woorden over tafel gaan gelijk zoete broodjes over de toonbank. En de meeste juffen hebben voldoende zoete broodjes gehad.

En zo kan ik nog wel even doorgaan. Luc Stevens, Marcel van Herpen, Pasi Sahlberg, Marcel van Herpens tweets, Ken Robinson; zij hebben blijkbaar de X-Factor. Laatst kreeg ik van iemand een e-mail waarin onderaan schuingedrukt stond: “Een onvoldoende aan een kind geven, is een onvoldoende aan jezelf geven.” Marcel van Herpen. Bedankt, Marcel. Ik leg hem op het schapje boven de toiletpot, naast de levenslessen van meester Kanamori en de verzamelde citaten van Fred Oster.

Frank, wat is nu eigenlijk je punt? Je kleinzielige gedram over deze onderwijsprofessionals werkt op de zenuwen. Mijn punt is dat ik vind dat we meer blijk moeten geven van onze éigen scherpe inzichten, ónze leerpunten en conclusies. De meeste leerkrachten zijn vrij stilzwijgend op dit gebied. Geen quotes onderaan mailtjes van mensen die tegenwoordig hun geld verdienen via seminars en trainingen, maar citaten van de kinderen uit de eigen klas. Minder boeken en filmpjes van buitenlandse lesgoeroes, maar werk uit eigen praktijk. Leerkracht, laat jouw stem horen! Of beter: die van de kinderen. Ik geloof dat kinderen onze toekomst zijn. En Whitney Houston gelooft dat ook. Einde.

Kinderen Die Vragen Worden Overgeslagen

Frank Jongbloed in gesprek met het artikel op Volkskrant.nl (22/01/13) van Joop Smits. Niet met de man zelf. Voor de duidelijkheid. Laten we met het opiniestuk van Smits beginnen:

Plasterk krijgt met zijn fatsoensoffensief alle hoon over zich heen.

“Oh, dat is vervelend. Ik heb nog niet eerder van zijn offensief gehoord, maar ik moet toegeven dat ik niet vaak televisie kijk of radio luister. Ik lees wel heel veel onderwijsnieuws, maar daar ben ik het ook niet eerder tegengekomen. Hoe dan ook, vervelend. Ik vind die Plasterk namelijk best aardig, ook al heb ik in het verleden puberale grapjes gemaakt over z’n naam en rottige stukjes over hem geschreven.”

Maar Joop Smits, oud-inspecteur van het onderwijs, ziet dat veel scholen te kort schieten in de aanpak van wangedrag. 'De PvdA-minister heeft terecht zijn nek uitgestoken.' PvdA-minister Plasterk is een fantsoensoffensief gestart, maar krijgt alle hoon over zich heen.

“Een fantsoenoffensief. We zien het maar even door de vingers, meneer de oud-inspecteur.”

Lees verder »

Spreuken en Gezegdes Uit Het Nederlandsche Onderwijs

 

Lees verder »

Over Kinderlokkers en Tuktuks (Dus Eigenlijk Over Klukkluk)

Je zal maar stukjes schrijven over de onderwijsactualiteit. Dan trekt de ene na de andere halfgare artikelkop langs je vermoeide ogen. Neem nu deze avond. Mijn trouwe feedreader heeft in de loop van afgelopen week 113 onderwijsnieuwtjes voor mij verzameld en ondergekwijld neergelegd naast de verwarming. En het was aan mij om deze allemaal even te scannen. Het werd weer – onbedoeld – hilarisch. Lees maar even mee:

Kinderlokker gesignaleerd in Purmerend.” Niets hilarisch aan natuurlijk. Ook niet als je leest dat deze man in regenjas kinderen aanspreekt nabij een piratenschip. Wel wordt het vreemd als de redacteur je aanspoort de wijkagent te waarschuwen als “bijvoorbeeld uw kinderen aangesproken worden en/of lastiggevallen worden door vreemden.” Ja, goede tip, redacteur. “Ronald? Ronald, kom eens!” “Zucht. Wat is er, Gerdien?” “Onze kinderen worden buiten lastiggevallen door een vreemde man in een regenjas.” “Vlug, Gerdien, bel de wijkagent! Ik zet alvast koffie.”

Lees verder »