(Onderstaand verhaal werd op 11 maart 2014 voorgelezen tijdens de eindpresentatie van het maatwerktraject Basisbekwaam Schoolleider.)

 

Afgelopen zaterdag zat ik bij mijn ouders en ik vertelde ze over deze dag. Mijn vader, inmiddels een paar maanden gepensioneerd, lag languit op zijn stoel en keek met één oog naar zijn laptopscherm terwijl zijn hand druk op het draadloze muisje aan het klikken was. Mijn moeder probeerde de aandacht van haar poedel te krijgen, een wantrouwend wezen met scherpe tanden en scheve ogen dat ze net uit het asiel hebben gehaald. De poedel, hè? Niet mijn moeder.

Pas toen ik het woord opleiding liet vallen, schrikte mijn vader op uit zijn Marktplaats-roes. “Opleiding?” knorde hij, “wat voor een opleiding?” “De schoolleidersopleiding, vader” zei ik, “die nu, na anderhalf jaar, afgesloten wordt.” Hier dacht mijn vader even over na. “Goed zo,” besloot hij, “je moet altijd doorgaan met leren. Mijn vader zei altijd ‘ik werk met de schop, iemand die geleerd heeft, gebruikt zijn kop’. Ik weet nog goed dat…” Maar ik luisterde al niet meer. Terwijl mijn vader zijn redevoering hield, zat ik met mijn gedachten elders. Het zit blijkbaar in de familie om goed naar elkaar te luisteren.

Ik dacht terug aan die afgelopen anderhalf jaar. Probeer dat maar eens overzichtelijk samen te vatten in een presentatie die maximaal tien minuten mag duren. Iedereen die langer dan twee weektaken in het onderwijs heeft doorgebracht, weet dat je een speelkwartier al moeilijk in tien minuten kan resumeren, laat staan de tijd tussen het moment dat ik voor het eerst als locatieleider door de schooldeur liep tot aan een paar ogenblikken geleden, toen ik door de overblijfkinderen vanaf het plein, hier tien minuten vandaan, blij werd uitgezwaaid. Tja, en waar ga je het dan over hebben? De mindere, maar leerzame momenten? Over het voeren van gesprekken met ouders die elkaar niet kunnen luchten of zien? De gesprekken met externe instanties over kinderen met wie het momenteel niet zo goed gaat? Collega’s die door moeilijke tijden gaan? Sommige opbrengsten die hoger mogen, hakken in het zand, naald in de groef? Een school is een levend, bewegend, emotioneel dier en om het te leiden is niet altijd even makkelijk. Ik weet dat ik dat niemand hier hoef uit te leggen.

Maar, gelukkig, er zijn ook andere verhalen. De ouders die voor mij stiekem een aparte schoolpolo hadden besteld met in grote letters ‘headmaster’ erop, de collega’s die met een minimum aan gedoe meewerken aan de groei van de school, het onderwijs en mijn groei als locatieleider. De kinderen die vaak met vrolijke gezichten in de lokalen zitten, klaar en gretig om ergens vaardig of vaardiger in te worden. De plannen, de uitvoering, de mooie cijfers van toetsen en leerlingvolgsystemen, het enthousiasme, de kleur.

Kunstenaar Willem Hussem schreef: “Ik heb er een leven aan gewerkt om mijn werk zo eenvoudig mogelijk te krijgen. Ik moet die eenvoud elke keer opnieuw op mezelf veroveren.” Ik merk dat ook ik vaak op zoek ben naar die eenvoud. Als locatieleider sta ik dagelijks op de brug van de boot en houd ik mede de koers in de gaten. Het is niet altijd even makkelijk navigeren op een zee van opbrengsten, jaarplannen, schoolgidsen, audits, uitdraaien en eindscores. Maar dan herinner ik mijzelf weer aan de eenvoud. “Frank, we hebben het niet over een eindtoetsscore, een gemiddelde van een gemiddelde, we hebben het over Jeroen. Of Nasera, Mika, Dave en Sebastiaan. Kinderen die, ook al zijn ze een poos van school, om de zoveel tijd terugkomen, omdat ze het zo fijn op school hebben gehad. Het is onze mooie taak om goed onderwijs te bieden aan de jongens en meiden die verplicht vijf dagen per week in ons schoolgebouw zitten. Het gaat om die kinderen. Het gaat helemaal niet om mij, of om mijn collega’s, om de meerscholendirecteuren of het bestuur.

Dan hoor ik mijn vader zaterdag zeggen, terwijl hij alweer met zijn hand op de muis klikt en zijn ogen over het beeldscherm van zijn computer gaan, “Al die ouders vertrouwen hun kinderen aan jou toe, Frank. Dat mag je nooit beschamen.” “Dat ga ik ook niet doen,” antwoord ik na een poosje. Maar mijn vader hoort me al niet meer. Nieuwsgierig vraag ik aan mijn moeder: “Hoe omschreven de leerkrachten mij vroeger eigenlijk, toen ik nog op de basisschool zat?” Mijn moeder denkt na. “Poe,’ zucht ze, “Even denken. ze vonden je vrolijk. En grappig. En ze zeiden ook vaak dat je mooi kon zingen.” “En hoe waren mijn cijfers eigenlijk, voor rekenen en taal enzo?” Na een poosje kijkt mijn moeder me aan. “Ik weet het eigenlijk niet meer. Het is alweer zo lang geleden. Ik weet alleen nog dat ze je vrolijk vonden. En aardig.” Later zit ik op de fiets, rijdend naar huis en ik denk na over die laatste woorden. “Ik weet nog dat ze je vrolijk vonden. En aardig.” Ergens tussen die regels, al lijkt de boodschap ongrijpbaar en wonderlijk, zit een heel belangrijke les.

14 Reacties op “Ergens Tussen Die Regels”

  1. Cecile zegt:

    Aaa, daar is ie dan, het stukje van  De Basisbekwaam Schoolleider. Mooie afsluiting. Gefeliciteerd!

  2. Frank Jongbloed zegt:

    Bedankt, Cecile. Inderdaad een afsluiting, hoewel ik pas aan het begin van het pad sta.

  3. Joke zegt:

    Gefeliciteerd, Frank!

  4. Cecile zegt:

    May be the Force with you want daar kan geen pizzadialoog tegenop.

  5. Frank Jongbloed zegt:

    De collega in mij denkt: Hahaha, Cecile. Good one.

    De Star Wars nerd in mij denkt: May the force be with you, Cecile. En in die volgorde.

  6. Frank Jongbloed zegt:

    Bedankt, Joke!

  7. Cecile zegt:

    Wat suf, kan ik mijn touchpad nog de schuld geven? Genoeg Star Wars hier in huis, daar kan het niet aan liggen. May the force be with you!
    (En nu ga ik weer naar Facebook waar je genante, te snel verstuurde berichtjes gewoon weer kunt verwijderen.)

  8. Frank Jongbloed zegt:

    Je kan ook net doen of het Yoda-praat was.
    Die gooit toch altijd alle woorden door elkaar.

  9. Cecile zegt:

    Vind ik leuk. (Y)

  10. Leerkracht PO» Nieuws berichten » E... zegt:

    [...]   [...]

  11. Lisette zegt:

    Vrolijk. En aardig. Mooi.
    Van harte, Frank. Nu voor het "echie"! 

  12. Frank Jongbloed zegt:

    Thanks.

  13. Ruth zegt:

    'Het gaat om die kinderen. Het gaat helemaal niet om mij, of om mijn collega’s, om de meerscholendirecteuren of het bestuur.' Dan heb je het goed begrepen. Ik wou dat ik op mijn werk zulke schoolleiders had.
    Gefeliciteerd Frank! Blij voor je. En een tikkeltje jaloers.

  14. Frank Jongbloed zegt:

    Tikkeltjes jaloezie zijn goed, want zetten soms aan tot actie.

Reageer


8 + vier =