Hebben de kinderen in uw klas vorig jaar ook zo genoten toen u ze voorlas uit ‘Pishond en Schurftkop’ van Carry Slee? Of hebben ze lekker zitten sidderen bij een van de verhalen uit de bundel ‘Pret met Giel Toeret’ van Paul van Loon? Bij ons op het schoolplein werd het een heuse rage: kinderboekvloeken. Wekenlang hoorden we nog ‘spekreet’ en ‘vette krabkop’ vol overgave over het schoolterrein schallen. Goed voor de woordenschat. Dit jaar moeten we het op kinderliterair gebied helaas met minder doen. Oftewel: de Bond tegen het Vloeken bemoeide zich vandaag met de Kinderboekenweek.

“De dit jaar bekroonde kinderboeken bevatten nagenoeg geen grove taal. Dat stelt de Bond tegen het Vloeken in Veenendaal donderdag.

Net als eerdere jaren beoordeelde de bond de bekroonde boeken en het kinderboekenweekgeschenk op vloeken en andere grove taaluitingen. In ‘Het geheim van de keel van de nachtegaal’ van Peter Verhelst komt enkele malen een bastaardvloek voor. De overige geconstateerde grove taal vindt de bond niet noemenswaardig.

Het taalgebruik in kinderboekenweekgeschenk ‘De wraak van het spruitje’ van Jan Paul Schutten is keurig. Vorig jaar constateerde de bond wel enkele ruwe passages in de boeken.”

Nee. Die kinderboeken in de inleiding bestaan niet echt. En natuurlijk keur ik vloekende kinderen niet goed. En aan vloekende spruitjes heb ik helemaal een broertje dood. En ik vloek zelf nooit. Ook niet tien minuten geleden. Toen ik al poetsend mijn tandenborstel op mijn zwarte shirt liet vallen.

*’Bond blij: bekroonde kinderboeken vloekvrij,’ RTV Utrecht, 08/10/09

Reageer


− 1 = een