Het Kleine Feest

Toen ik vanmorgen in de auto naar mijn werk reed, was er op de radio een discussie gaande over het wel of niet officieel erkennen van het Suikerfeest als nationale feestdag. Er werd gesproken over een ruil met Bevrijdingsdag of met Tweede Pinksterdag, er werd fel gereageerd, er werd gekucht, er werd gehoond en als de radio van een beeldscherm was voorzien, had ik vast wat wenkbrauwtjes de lucht zien ingaan. Toen de discussie tot een einde kwam, sprong er plotseling een wild zwijn voor mijn auto waardoor ik twee lange seconden alleen nog maar dacht aan blokkerende remmen en de uitwijkmanoeuvre van de auto achter mij. Tegen de tijd dat ik met 80 op de kilometer- en hartslagteller Harderwijk binnenreed, was de discussie helaas voorbij en had Coldplay het woord overgenomen.

Ik haalde de schooldeur van het slot, tikte de alarmcode in en zei tegen de invalster van groep 7/8 dat ik benieuwd was hoeveel kinderen er vandaag naar school zouden komen. Eenmaal binnen zette ik koffie, deed het water in de waterkoker en keek toe hoe mijn collega’s letterlijk binnendruppelden. ‘Dat is geen regen vandaag, dat is suikerwater’ merkte ik vrolijk op, maar alleen de Marokkaanse onderwijsassistent moest lachen. De rest was in de weer met handdoeken en plakkende regenpakken. Vijf minuten na het afgaan van de schoolbel zaten er welgeteld vier kinderen in mijn lokaal. Vier jongens.

‘Pak je rekenboek,’ riep ik opgewekt, wat ze vervolgens ook deden. ‘Jongens, ik maak maar een grapje.’ Ze keken zichtbaar opgelucht. ‘Gaan we dan met Knex spelen,’ vroeg er eentje. ‘Alleen als jullie iets héél moeilijks kunnen maken.’ Ha, natúúrlijk konden ze dat. En op mijn vraag of ze het vervelend vonden als groep 3 er ook bij zou komen, reageerden ze met een onverschillig schouderophalen. Het leek alsof ze dachten, laat die kleintjes er ook maar bij.

En zo werd het uiteindelijk best een gezellige dag. Spelen met Knex, tekeningen maken, schooltelevisie kijken en in de lerarenkamer lagen heerlijke chocoladekoeken die een moeder ‘s ochtends had gebracht.
‘s Middags hoefden de kinderen niet naar school vanwege een studiemiddag voor de leerkrachten (ontwikkelingsgericht onderwijs). Ik durf te wedden dat de islamitische kinderen ook een fijne dag hebben gehad.

Volgend jaar wil ik best weer zo’n dagje (21 september voor de Turkse moslims). En het jaar daarop ook (10 september). En ook in 2011 (31 augustus) en 2012 (19 augustus). Maar dan zitten we al in de zomervakantie.

Wat heeft u als leerkracht vandaag eigenlijk gedaan?

*’Suikerfeest mogelijk nationale feestdag’, Elsevier donderdag 4 september
*Suikerfeest, wikipedia
*Suikerfeest, ramadan.nl

De gewoonste zaak van de wereld

Vanavond (want het is bijna tien uur ‘s avonds terwijl ik dit schrijf) presenteer ik u een enigszins warrig stukje. Gisteren was ik op een politieke bijeenkomst over het primair onderwijs. Dat betekende een grote zaal met veel colbertjes die bij de ellebogen versleten waren en waar men na het bedachtzaam krabben achter het oor ongemerkt een wit krijtspoortje op de nek achterliet. Tweede-Kamerlid Jeroen Dijsselbloem, voorzitter van de Commissie Parlementair Onderzoek Onderwijsvernieuwingen was er ook. Hij had het witte krijtje als streepje verweven in zijn dure pak. Tja. Verschil moet er wezen.

Dankzij de heldere meningen van mijn gesprekspartners (op die politicus na die het verschil tussen primair en voortgezet onderwijs niet scheen te kennen) en ondanks het feit dat ik geheel tegen mijn zin in de microfoon ook onder mijn neus geschoven kreeg, werd ik nogmaals aan het denken gezet over iets wat ik eigenlijk de gewoonste zaak van de wereld vind: de vele facetten van een baan in het onderwijs. Enkele van de gespreksonderwerpen:

“Het onderwijs heeft minder status gekregen en het opleidingsniveau van de PABO is gedaald. De toegankelijkheid van het speciaal basisonderwijs is sterk ingeperkt, waardoor het gewone basisonderwijs met veel meer achterblijvende leerlingen is belast. Op de basisschool is het er voor de leerlingen ook niet overzichtelijker op geworden. Voor een goed gecoördineerde, heldere aanpak zou twee leerkrachten per groep het maximum moeten zijn, en dat aantal is nu het minimum.”

Het werd een avond vol uitgesproken meningen, onuitgesproken gedachtes, foute rekenquizjes, ondoordachte clichés en gepassioneerde uitlatingen. En ik dacht na afloop: hier ga ik eens even een mooi stukje over schrijven. Niet over dat ik Dijsselbloem een handje heb gegeven. Nee, een fel stukje over hoe druk wij wel niet zijn in het (primair) onderwijs en hoe mensen de laatste tijd zo lomp staan te brullen over defect rekenonderwijs. Om nog maar te zwijgen over taal. Dáár zou dit stukje over gaan. En het ijzer moest gesmeed worden terwijl het heet was!

Maar uiteindelijk zat ik vandaag op de kikkerafdeling van het Wilhelmina Kinderziekenhuis om een meisje van school te bezoeken dat er al twee weken lag. Gelukkig kreeg ze vanmiddag te horen dat ze naar huis mocht en wist ze ondanks de hinderlijke hechtingen van haar derde oogoperatie blij te melden dat ze maandag of dinsdag weer op school zou zijn. En als je dan terug naar school rijdt en je hoort op de achterbank haar klasgenootjes respectvol praten over het indrukwekkende bezoek aan het ziekenhuis, tja, welke leerkracht gaat er dan ‘s avonds rond tienen nog zitten tieren over politici en hun onderwijsvernieuwingen? Of over dat wat we extra doen?

We hebben als onderwijzers zo onze prioriteiten, nietwaar?

* ‘Politiek Café Harderwijk’ De Weekkrant.nl/Harderwijker Courant

“Toen waren het er nog maar…”

Volgens een artikel in het Algemeen Dagblad van maandag 15 september is de academische lerarenopleiding primair onderwijs (ALPO) van start gegaan met 51 vrouwelijke juffen in spe en 1 wannabe meester. De arme stakker. Over dit onderwerp kan ik natuurlijk een goed woordje meepraten. Ik ben immers ook al jaren een van die zeldzame bezienswaardigheden binnen het basisonderwijs.

Tijdens mijn eerste jaar op de Pabo (de ALPO voor smeerkrachten) waren er een handjevol jongens en mannen. Ik weet nog goed dat er een zekere Frans naast mij zat tijdens een college Nederlands en dat hij halverwege de les opstond en de docente liet weten dat ze met de les moest stoppen door met zijn hand zaagbewegingen over zijn keel te maken. Frans vond dit uitermate geestig. De directie niet zo. En toen waren er nog minder mannelijke studenten.

Ik wens de wannabe meester veel succes op de academische opleiding en hij mag me altijd e-mailen voor een paar goede tips. Om het hem gemakkelijk te maken, hier alvast een paar voorbeelden die hij toe kan passen in het daadwerkelijke werkveld:

1. Zorg ervoor dat je het in de gaten hebt als je collegajuf naar de kapper is geweest. Maak hier een opmerking over, maar dik het niet te erg aan. Hou het kort en simpel. ‘Lekker met groep 1/2 geverfd?’ is niet het juiste zinnetje.

2. Probeer niet geforceerd mannelijk over te komen door je aandeel in het afwasschema te verwaarlozen. Ruim de vaatwasser gewoon in en doe desnoods een afwasje met de hand. Geloof me, ‘s ochtends de lerarenkamer betreden en tegen een roedel juffen met smerige theekopjes aanlopen is niet de meest geweldige manier om de dag te beginnen.

3. Doe net alsof je het niet merkt dat je collega naast je een menopauze-episode beleeft. Ook al krijgt haar gezicht de kleur van een cherrytomaat en beginnen haar ogen te tranen: niks laten merken. Juffen hebben er geen behoefte aan om gewezen te worden op het verstrijken der jaren.

Dat was het, jongen. Doe er je voordeel mee.

*’Eén man op academische Pabo’, Algemeen Dagblad.

“Wie de boerka niet kent…”

Met een zon die laag over de straatstenen schijnt rijd ik moe maar tevreden naar huis. De kofferbak van mijn auto is gevuld met plastic bekertjes, flessen vol limonade, roerstaafjes, poedermelk, suiker & zoetjes en twee thermoskannen; één voor koffie en één voor thee. Morgen houden we namelijk de jaarlijkse sportdag en ik zit in de commissie. Dan zie ik via mijn ooghoek iets donkers bewegen op het voetgangerspad. Ik doe de zonneklep naar beneden en knijp mijn ogen samen. En zie een vrouw in een boerka.

Mijn eerste Harderwijkse ‘boerka in het wild’. Oh, ik ben vaak genoeg op reis geweest naar (streng) islamitische landen en zag daar boerka’s bij de vleet, maar ik had er nog nooit eentje zo dicht bij huis gezien. Ik moet meteen denken aan het eerder deze week aangekondigde boerkaverbod in het onderwijs.

“(Novum) – Op alle scholen in Nederland wordt een boerkaverbod ingevoerd. Naast leraren en leerlingen mogen ook andere personeelsleden, ouders, bezoekers en leveranciers geen gelaatsbedekkende kleding dragen op dagen dat de school open is. Het streven is om halverwege volgend jaar een wetsvoorstel aan de Tweede Kamer voor te leggen.

Voor goed onderwijs is het van ‘essentieel belang’ dat leraren en leerlingen elkaar kunnen zien, licht het ministerie van Onderwijs maandag toe. Zo zouden leraren moeten kunnen zien hoe een leerling zich voelt en reageert op ‘zaken die in de les of op het schoolplein’ worden besproken.”

Ook moet ik grinniken om de weinig genuanceerde reactie van de Haagse schooldirecteur René van der Hoek in de Trouw die niet van plan is naar aanleiding van het verbod ‘moeders van het schoolplein te sleuren’. Hahaha, blijkbaar is René niet in staat om de dialoog met de moeders op zijn schoolplein aan te gaan, maar denkt hij meteen in termen als ‘van het schoolplein sleuren’.

Rustig maar René, volgens het kabinet telt Nederland maar zo’n 100 tot 150 boerkadraagsters. Eentje daarvan loopt in Harderwijk over een straat waar de zon laag over de stenen schijnt. Ze passeert een rijdende auto, een Fiat gevuld met sportdagbenodigdheden. De chauffeur van die auto, een dertigjarige basisschoolleerkracht, kijkt gefascineerd naar haar. Misschien kijkt zij ook terug. Dat blijft door de sluier voor haar gezicht giswerk.

*’Gezichtsbedekkende kleding niet op scholen’, artikel op Regering.nl
*’Schoolhoofden zien niets in boerkaverbod’, Cyntha van Gorp en Seada Nourhussen, Trouw
*’Boerka’, Wikipedia

Lieve meester

De tweede schooldag is inmiddels achter de rug en ik moet zeggen; mijn nieuwe groep 4 zit er nog een beetje bedeesd bij. Op maandagochtend kwam er een moeder naar mij toe om te melden dat haar zoontje bijna niet had kunnen slapen bij het vooruitzicht om naar een nieuwe groep te gaan. En dan óók nog een groep met een meester aan het roer.

Een meester, die staan normaal gesproken op de lijst voor bedreigde diersoorten, niet voor de klas. En deze kijkt de helft van de tijd nog boos ook, al is hij zich daar zelf niet bewust van. Nee, dat was een heikel moment, maandagmorgen om half negen in de ochtend. Buiten in de rij voor de deur, twee trappen omhoog, jas ophangen en schoenen uit (die meester stond hierop toe te kijken!) en dan de klas in, op zoek naar het bureautje met jouw naamkaartje erop. Hier en daar nog een zoenende moeder en toen ging de deur dicht. En bleek de meester toch niet een bloeddorstig monster te zijn.

Dan de Verenigde Staten. Daar hebben de kinderen in 21 staten nog reden om bang te zijn. Daar zijn lijfstraffen bij wet namelijk nog steeds toegestaan. In Texas en Mississippi doen ze bijvoorbeeld enthousiast aan het zogenaamde ‘paddling’. Dat houdt in dat je bij ongepast gedrag met een houten plank op je achterwerk geslagen wordt.

Vorig schooljaar alleen al kregen zo’n 200.000 kinderen in de VS slaag met een stuk hout. Verontruste mensenrechtenorganisaties hebben er een dik rapport over geschreven. De schrijver van dit rapport, Alice Farmer, komt met een boeiende eindconclusie:

Maar kinderen slaan ontmoedigt de leerlingen om naar school te gaan, is geen remedie voor fout gedrag en kan zelfs meer misdragingen uitlokken.

Okay Alice, bedankt voor je inzicht en diepgaande analyse. Kinderen met hout tegen de reet rammen vermindert de motivatie om naar school te gaan. Van zulke pedagogische hoogstandjes kunnen wij hier in West-Europa alleen maar leren.

Vandaag ben ik een schrijfproject begonnen met mijn groep. Aan het einde van elke dag schrijven ze mij een kort briefje. Daarin mogen ze van alles kwijt: vragen, ervaringen, kritiek en complimenten. Het leuke is dat ze van mij de volgende ochtend een brief terugkrijgen. Misschien moet ik dit jongetje schriftelijk maar op de hoogte brengen van Alice Farmer’s rapport. Kijken of hij mij dan nog steeds streng vindt.

Overigens bleek dat het technisch niet mogelijk was om een reactie achter te laten op deze site. Dat is gelukkig inmiddels verholpen, dus u bent van harte uitgenodigd om uw reactie(s) achter te laten. Gaat uw gang. Doe maar hoor. Mag. Geen probleem. Graag zelfs.

*artikel IPS News, Joren Gettemans ‘Amerikaanse scholen moeten lijfstraffen stoppen