In dit gedicht vertelt een man over een geliefde die hem verlaten heeft.

They flee from me that sometime did me seek
With naked foot stalking in my chamber.
I have seen them gentle tame and meek
That now are wild and do not remember
That sometime they put themselves in danger
To take bread at my hand; and now they range
Busily seeking with a continual change.

Thanked be fortune, it hath been otherwise
Twenty times better; but once in special,
In thin array after a pleasant guise,
When her loose gown from her shoulders did fall,
And she me caught in her arms long and small;
And therewithal sweetly did me kiss,
And softly said, Dear heart, how like you this?

It was no dream, I lay broad waking.
But all is turned thorough my gentleness
Into a strange fashion of forsaking;
And I have leave to go of her goodness
And she also to use newfangleness.
But since that I so kindely am served,
I would fain know what she hath deserved

Uitleg

In het eerste couplet gebruikt Wyatt een metafoor (een beeldspraak: twee of meer dingen die niets met elkaar te maken hebben, worden met elkaar vergeleken). Wie die ‘they’ precies zijn, wordt niet duidelijk, maar de vergelijking met dieren en vrouwen kan gemaakt worden. Eerst waren ze mak en tam, brachten zichzelf soms in gevaar en aten brood uit zijn hand, maar wel constant zoekend naar een nieuwe uitdaging.

In het tweede couplet wordt een moment beschreven waarin de vrouw zich aan de man aanbiedt. Maar dit keer is het wel 20x beter dan vorige keren! En dat het geen droom was, wordt duidelijk aan het begin van het derde couplet: de man is klaarwakker. Man dan verandert alles, waarschijnlijk door zijn aardigheid. Ook zij is weer op zoek naar een nieuwe uitdaging. En dan vraagt hij zich af wat zij verdient nu hij gevoeld heeft wat het is om verlaten te worden.

Extra

Het rijmschema in de zevenregelige coupletten van dit gedicht is ababbcc. Dit wordt ook wel koninklijk rijm (rhyme royal) genoemd en is in de Middeleeuwen geïntroduceerd door Geoffrey Chaucer.