Zelfstandige naamwoorden (woorden die mensen, dieren en dingen aanduiden) zijn telbaar of ontelbaar.

Telbaar:
Als je het kunt tellen:

één koekje - twee koekjes
één pen - twee pennen

Telbare zelfstandige naamwoorden kunnen enkelvoud en meervoud zijn.

Ontelbaar:
Als je het niet kunt tellen. Woorden als money (geld), sugar (suiker) en shampoo zijn ontelbaar. Je kunt niet zeggen een geld – twee gelden.

Ontelbare zelfstandige naamwoorden zijn altijd enkelvoud.

Maar:

De mens zou de mens niet zijn als zij het ontelbare niet telbaar had gemaakt. Daar hebben ze dus iets op gevonden. Om het ontelbare telbaar te maken, plakken we er iets bij dat wel telbaar is. Zo kunnen we het volgende wel tellen:

  • het aantal liter of kilo's
Ontelbaar Telbaar
potatoes a kilo of potatoes
milk a litre of milk
  • de verpakking
Ontelbaar Telbaar
water a glass of water
sugar a bag of sugar
coke a can of coke
soup a tin of soup
jam a jar of jam
  • de delen
Ontelbaar Telbaar
chocolate a piece of chocolate
bread a slice of bread
  • het ding dat je koopt
Ontelbaar Telbaar
bread a loaf of bread
chocolate a bar of chocolate

En zo kunnen we toch tellen wat eigenlijk niet te tellen is.