John Maynard Keynes

John Maynard Keynes (Cambridge, 5 juni 1883 – Firle, East Sussex, 21 april1946) was een Brits econoom. Hij is vooral bekend geworden door het boek The General Theory of Employment, Interest and Money (De algemene theorie over werkgelegenheid, rente en geld), waarin hij de Keynesiaanse theorie beschrijft, waarmee hij de grondlegger zou worden van het naar hem vernoemde Keynesianisme. Zijn boek wordt sinds de jaren ’50 als de grondslag van de hedendaagse macro-economie, alhoewel het sinds de jaren ’90 van de 20e eeuw aan populariteit heeft ingeboet.

Biografie

Keynes werd drie maanden geboren na het overlijden van een andere beroemde econoom, de Duits-Joodsefilosoof Karl Marx. Zijn vader, John Neville Keynes, was eveneens econoom en zijn moeder was een voorvechtster van vrouwenrechten. Keynes had al op jonge leeftijd de neiging om zijn wil aan andere mensen op te leggen. Op de lagere school had hij al iemand in dienst om zijn boeken te dragen in ruil voor hulp bij huiswerk. Na de exclusieve kostschool Eton College bezocht te hebben studeerde Keynes aan de Universiteit van Cambridge. Op deze universiteit had hij een contract met iemand waaraan hij een hekel had: deze persoon moest vijftien meter bij hem vandaan blijven in ruil voor de bezorging van een bibliotheekboek per week. Hij studeerde aanvankelijk wiskunde en filosofie aan King’s College. Pas later ging hij economie studeren. Zijn cijfers voor deze studie waren betrekkelijk laag, maar zijn verklaring daarvan was dat hij meer wist dan zijn examinatoren.

In 1907 werd hij ambtenaar bij het Ministerie van Koloniën, al was hij liever bij de spoorwegen gegaan. Hij had toen al een hoog geprezen boek over kansrekening|waarschijnlijkheidsrekening]] uitgebracht. Hij werd hoofdredacteur van het invloedrijke Britse economische tijdschrift ‘The Economic Journal’ in 1911. In 1913Indian Currency and Finance. Hij keerde terug naar in Cambridge als docent. publiceerde hij het boek

Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog weigerde Keynes dienst maar bekleedde hij een post bij het ministerie van Financiën. Op die post heeft hij volgens sommigen meer bijgedragen aan de oorlogsinspanning dan menig ander burger. Aan het eind van deze oorlog was Keynes aanwezig als topambtenaar bij de vredesconferentie van Versailles. Hij nam ontslag omdat hij het niet eens was met wat werd besproken op die conferentie. Hij schreef hierover het boek The Economic Consequences of the Peace. Volgens Keynes stond in Versailles niet het herstel van Europa voorop, maar een politieke wraakactie die een grotere oorlog zou uitlokken. Hij voorspelde ook dat de herstelbetalingen die Duitsland waren opgelegd de Duitse economie zouden ruïneren. Zijn gelijk werd bevestigd door de Duitse hyperinflatie en door het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog.

In 1923 publiceerde hij het boek Tract on Monetary Reform en in 1930 de Treatise on Money. In dat laatste boek besprak hij het afwisselen van oplevende en afnemende bedrijvigheid. In 1936 verscheen zijn boek General Theory of Employment, Interest and Money . Dit boek zou standaardlectuur worden voor economen in de decennia van 1945 tot in de jaren tachtig. Tot het schrijven ervan werd hij gebracht door de grote crisis in de jaren dertig. Het maakte hem tot een van de invloedrijkste economen van de twintigste eeuw. Keynes legde de nadruk op de vraagkant van de economie, en hij stelde dat de overheid moet investeren in de economie om hiermee herstel te stimuleren. Als de overheid bijvoorbeeld een groot infrastructureel project opstart zal dit leiden tot meer banen en een hogere consumptie, en daardoor weer tot een hogere productiviteit. Door de investeringen van de overheid kan de vraagkant van de economie worden gestimuleerd, wat positieve gevolgen heeft voor de economie.

Naast baanbrekend econoom was Keynes ook een vooraanstaand lid van de Bloomsburygroep, Engelands ‘avant-garde’ van intellectuelen en kunstenaars. Andere leden van deze club waren Virginia Woolf en Bertrand Russell. Keynes was homoseksueel maar trouwde desalniettemin met Lydia Lopokova,een beroemde ballerina. Hij vergaarde zich een groot vermogen dankzij slimme beleggingen in buitenlandse valuta. Aan het eind van zijn leven speelde hij ook nog een rol bij het opstellen van de overeenkomst van Bretton Woods voor het naoorlogse internationale geldstelsel. Daarvoor reisde hij regelmatig naar de Verenigde Staten.

Keynes was gouverneur van Eton en lid van de Raad van Bestuur van de Bank van Engeland. In 1942 werd Keynes als Baron Keynes in de adelstand verheven. Hij nam zitting in het Hogerhuis en voerde daar ook geregeld het woord. Hij overleed op 63-jarige leeftijd met eredoctoraten van de universiteiten van Edinburgh, Parijs (Sorbonne) en van Cambridge. Zijn beide ouders waren tijdens de rouwplechtigheid aanwezig. Keynes werd gecremeerd en zijn as verstrooid. Keynes’ ideeën worden nog steeds onderwezen en hebben het economische denken drastisch veranderd. De volgers van zijn ideeën worden Keynesianen genoemd.

Opmerkelijk
In het voorwoord van zijn The General Theory of Employment-boek dat hij ook uitbracht in nazi-Duitsland1936, schreef hij het volgende: in

“The theory of aggregate production, which is the point of the following book, nevertheless can be much easier adapted to the conditions of a totalitarian state than the theory of production and distribution of a given production put forth under conditions of free competition and a large degree of laissez-faire.”totalitaire staat dan de theorie van productie en distributie van een gegeven productie geldend bij concurrentie en een hoge mate van vrije marktwerking). (vertaling: De theorie van de totale productie, dat het punt is van dit boek, kan niettemin veel gemakkelijker worden aangepast aan de voorwaarden van een

Bibliografie

  • 1919 Economic Consequences of the Peace
  • 1921 Treatise of Probability
  • 1923 A Tract on Monetary Reform
  • 1926 Liberalism and Labour
  • 1930 A Treatise on Money
  • 1936 The General Theory of Employment, Interest and Money