Duitsland is wat het geloof betreft traditioneel in Noord- en Zuid gedeeld. Het Noorden en het Noord-Oosten is “evangelisch”, oftewel protestants-christelijk, het zuiden is katholiek. Daarnaast zijn er in Duitland zo’n 3 miljoen Moslims.

De Kaiser-Wilhelm-Gedächtniskirche in het centrum van Berlijn is een van de bekendste kerkgebouwen in Duitsland. De kerk werd in 1895 ter ere van Keizer Wilhelm I. in een neo-romaanse stijl met gebruik van gotische elementen in gebruik genomen. In de Tweede Wereldoorlog, in november 1943, werd hij bij een bombardement onherstelbaar beschadigd. Na de oorlog besloot men de gehavende toren als monument te behouden. Pal naast de ruïne werd de nieuwe Gedächtniskirche gebouwd.

.
De Duitsers ontkerkelijken

Het aantal leden van de kerken neemt sinds de Tweede Wereldoorlog gestaag af. Alleen al van 1992 tot 2000 liep het ledenaantal met drie miljoen af tot 53 miljoen. In 2003 gaf In een enquête onder 356.000 mensen 39 procent van de Duitsers aan, zichzelf als “gelovig” te beschouwen. En dat terwijl 65% van de bevolking bij de katholieke of protestantse kerk officieel al lid ingeschreven staat.

Vooral bij de katholieke kerk lijkt de onvrede het grootst te zijn. Uit het onderzoek blijkt dat veel mensen de opstelling van de kerk onduidelijk vinden. Ook vinden ze dat de kerk het geld van de kerkbelasting – zie verderop – niet efficiënt besteedt.

.
Maatschappelijk werk van de kerken

De beide grote kerken in Duitsland houden zich niet alleen bezig met Seelsorge, het zieleheil van de gelovigen, tijdens de liturgie (= kerkdiensten, zang, gebeden enz.) De kerken zijn vooral ook grote werkgevers op het gebied van het maatschappelijk welzijn en de gezondheidszorg. Alleen al de Caritas, de charitatieve organisatie van de katholieke kerk heeft zo’n 495.000 mensen in dienst. De evangelische Diakonie nog eens 600.000.Maar de kerken worden niet zoals grote bedrijven vanuit een concerncentrale gerund. Ze bestaan organisatorisch en juridisch uit veel kleinere organisaties als kerkelijke gemeenten, bisdommen, Diözesen (delen van bisdommen) en verenigingen. De kerk beheert ziekenhuizen, verzorgingshuizen en andere welzijnsinstellingen en scholen en is eigenaar van gebouwen, landerijen, verzekeringen, banken en uitgeverijen.
.
Inkomsten en de toekomstzorgen

De belangrijkste inkomstenbron van de kerken is de Kirchensteuer, de kerkelijke belasting. Elk lid van de kerk is wettelijk verplicht deze belasting te betalen. Hoewel het grootste deel van de kosten van alle kerkelijke organisaties daarmee – samen met de vele giften – gedekt zijn, baart de toekomst de kerken grote zorgen. De kerken hebben steeds minder leden en door de hoge werkeloosheid levert de kerkbelasting steeds minder op. De kosten voor het onderhoud en de verzekering van de vele monumentale kerkgebouwen en kunstschatten stijgen ondertussen. Daar komt bij dat de Caritas en de Diakonie op het gebied van de gezondheidszorg steeds meer concurrentie krijgen van goedkopere “private Pflegedienste”: commerciële zorgbedrijven die deze zorg goedkoper kunnen leveren.

Inmiddels zijn een aantal kerkelijke organisaties in grote financiële problemen geraakt en moet er alom flink bezuinigd worden. De kerk gaat er steeds vaker toe over om hun gebouwen te verhuren.

Ostern – Pasen

De drie heilige dagen rond pasen beginnen met de Gründonnerstag, in het Nederlands witte donderdag genoemd.

Karfreitag, het Duitse woord voor Goede Vrijdag, komt van het oud-hoogduitse woord “Chara”, dat treurnis en weebeklag betekent.

Na de “Karfreitag” komt de Karsamstag, in de volksmond echter meestal Ostersonnabend oftewel Paaszaterdag genoemd. Deze laatste dag van de 40 dagen durende vastentijd staat in het teken van de rust en de voorbereiding van de “Ostersonntag”, de dag waarop de wederopstanding van Jezus gevierd wordt. In de nacht van Ostersonnabend op Ostersonntag vinden er zogenaamde “Lichtfeiern” plaats. Deze lichtfeesten worden vaak met vreugdevuren, in dit geval “Osterfeuer” gevierd.

Vijftig dagen na de Ostermorgen op zondag eindigt de paastijd met Pfingsten, oftewel Pinksteren, waarin de uitstorting van de Heilige Geest op de mensheid gevierd wordt.

.
Geschiedenis

Als de grootste nederlaag van de kerken wordt hun rol tijdens de Tweede Wereldoorlog gezien, waar ze grotendeels aan de leiband van Hitler liepen. Slechts schoorvoetend erkennen de kerken sindsdien hun bedenkelijke rol in die tijd.

In de DDR betekende de kerk echter een toevluchtsoord en een plek waar critici van het regime elkaar konden ontmoeten. De staat durfde de kerk namelijk niet hard aan te pakken, hoewel de geheime dienst de activiteiten van de critici nauwlettend volgden. De vreedzame protestweging werd officieel niet door de kerkelijke organisaties gestimuleerd, maar werd in de praktijk wel geduld.


De dom van Keulen is de grootste gotische kathedraal van Duitsland. De torens zijn 157 meter hoog. Hij werd – met grote tussenpauzes – gebouwd tussen 1248 en 1880. Slechts door de toevallige vondst in de 19e eeuw van een deel van de originele bouwtekeningen kon men de kerk afbouwen. In de kerk bevindt zich de schrijn [= een soort kist, maar dan prachtig versierd] met daarin de relikwieën van de drie Heilige Koningen, die na de geboorte van Jezus het kind kwamen vereren.

.
Bronnen: “Zwischenstopp Erde” in: Der Tagesspiegel 21.04.2003 / “Was haben die Osterfeiertage zu bedeuten?” in: Der Tagesspiegel 19.04.2003 / DIE ZEIT 19.12.2001 / “Gut für die Minderheit” in: Der Tagesspiegel 24.04.2003 / “Glauben ohne Heimat” in: Der Tagesspiegel 26.04.03