Michael draait zich om naar achteren.
“Boris is een kuteikel.”
Verstoord kijk ik naar de rug van het jongetje met zijn warrige bruine haar op een van de eerste rijen. 
“Michael,” zeg ik met stemverheffing.
“Boris krijgt klappen.”
“Laatste waarschuwing, Michael,” zeg ik.
“Boris moet dood.”
Zuchtend vul ik het eruitstuurbriefje in en overhandig het aan het jongetje voor mij.
Zijn ogen vullen zich met tranen. “Ik kan er niets aan doen, juf. Ik flip.”
 
Vaak denk ik aan mijn vak als het opvoeren in de klas van de zoveelste reprise van mijn ‘one-woman-show’, soms voel ik mij een doortastende regisseuse die besliste aanwijzingen geeft, maar even zovele malen voel ik me slechts een verwonderde toeschouwer die geen enkele rol van betekenis speelt.
 
De brugklas komt binnen, rumoeriger dan gewoonlijk. Buiten is het veertien graden maar een aantal meisjes dragen topjes met spaghetti-bandjes. Innerlijk hoofdschuddend kijk ik het aan.
“Goedemorgen, allemaal. Gaan jullie zitten?”
De helft van de klas gaat zitten, de andere helft blijft druk pratend en gesticulerend staan. Wonderlijk, meestal zijn ze zo braaf. Ik loop langs de rijen naar achteren.
“Goedemorgen, Sanne en Desiree, gaan jullie ook zitten?”
Plots vallen ze elkaar luid snikkend in de armen. Ik kijk het met open mond aan. Rechts nog een stel dat elkaar wenend omhelst.
“We hadden net een les over pesten,” zegt Ab naast me.
“Vandaar,” mompel ik en slof terug.
 
Ik denk vaak aan de tijd dat ik zelf leerling was, hoe glashelder de verhoudingen binnen de klas voor me waren en dat ik me bijna nooit verdiepte in de rol die de docent speelde. Er is wat dat betreft niet veel veranderd, al sta ik aan de andere kant. Een klas is voor me als een publiek in een donkere zaal. Geen idee wie bevriend is met wie en wat er gaande is. Een mentor kan me nog zoveel over elke leerling  apart vertellen, ik verhoud me als docent niet naar individuen maar naar een klas als een zelfstandig organisme met zijn eigen nukken en eigenaardigheden. Ik ben de baas maar zij moeten het erkennen. Als zij het niet erkennen, heb ik een vet probleem.
 
School is soms een drama. Voor sommige leerlingen die het niet kunnen bijbenen. Voor sommige docenten die de regie nooit kunnen pakken. Maar het blijft bovenal een wonderlijke tijdmachine waarin de populatie eeuwig jong blijft maar wij langzaam steeds meer in onze rol groeien, totdat we – mijn grootste angst – de vleesgeworden docent geworden zijn.  

Een reactie op “Toeschouwer”

  1. crazyyy zegt:

    niet hele goeie site veel is gekopieërd

Reageer


zes − = 5