Als leerling durfde ik geen stap in de docentenkamer te zetten. Griezelig, al die docenten die daar – nog rokend als schoorstenen – kletsend bijeen zaten. Een kon ik er nog wel aan in de klas, verscholen achter de ruggen van mijn klasgenoten, tientallen vond ik doodeng. Dat ze een eigen leven leefden, inhoud hadden buiten het schooluniversum ging er bij mij niet in. Docenten kwamen van een andere planeet, dat wist ik zeker.

Nu ik zelf al zolang een docent ben, kijk ik er iets anders tegenaan. Toegegeven, op een docentencongres gezeten tussen mijn collega’s kan ik soms verwonderd op me heen kijken en denken ‘hoor ik hier nu bij?’ onmiddellijk gevolgd door de vraag ‘zie ik er ook zo uit’? Ben ik net zo onmiddellijk herkenbaar als docent? Waarna langdurige bestudering in de spiegel van het congresgebouw me bevestigend antwoordt. Ja, ja, ja. Docenten zijn gewoon normale mensen en ik ben net zoals de rest.
 
Maar soms twijfel ik weer, zoals laatst in de docentenkamer, waar ik me geconcentreerd over mijn nakijkwerk boog totdat ik het gesprek van twee beginnende collega’s begon te volgen.
“Eigenlijk is het niet mijn schuld,” zei de een. “Maar is het de schuld van oudere docenten als het niet goed gaat.”
“Hoe bedoel je,” vroeg de ander.
“Nou, oudere docenten hebben het goed voor elkaar, ze hebben aan een enkele blik genoeg om een klas stil te krijgen. En als ik ze dan krijg, dan misdragen ze zich.”
“Ja, daar heb je wel gelijk in.”
Ach jee, dacht ik, hij begint nog en heeft moeite orde te houden. Het kostte mij vijf jaar bloed, zweet en tranen voordat ik de boel onder controle had.
“En oudere docenten hebben vaste banen,” vervolgde hij zijn betoog. “En wij niet. Eigenlijk zouden ze deel van hun baan moeten opgeven voor ons.”
Hohoho, dacht ik en mengde me in het gesprek. “Dan wil ik anders best,” zei ik, “maar de BAPO is net afgeschaft.”
Mijn jonge collega liet zich niet afleiden. “Mensen leven ook te lang.”
“O ja?” zei ik beleefd.
“Ja, vind je ook eigenlijk niet dat mensen na hun negentigste een zelfmoordpil moeten nemen?”
Ik heb heel erg hard gelachen alsof ik het een leuk grapje vond, maar heb mijn nakijkwerk ijlings bij elkaar geschoven en heb gauw een ander plekje in de docentenkamer gevonden. Docenten zijn net mensen. Ja, ja.

bron foto: http://www.flickr.com/photos/dotsi/

Een reactie op “Homo educatiens”

  1. Johan zegt:

    L.S.

    Educatiens? Van welk verbum stamt dit participium?

Reageer


× 3 = twaalf