Toen ik onlangs moest surveilleren bij schoolonderzoeken heb ik een stukje zitten bedenken voor dit blog over al die verschillende instructies die je krijgt voor al die verschillende leerlingen. Ik vroeg me af: zijn we niet aan het doorschieten? Toevallig kwam ik in het Onderwijsblad van de AOb van 12 november 2011 een tamelijk kritisch stuk tegen over het grote aantal leerlingen dat tegenwoordig een dyslexieverklaring heeft:

‘Afgelopen jaar had 8 procent van de examenkandidaten in het voortgezet onderwijs een dyslexieverklaring, terwijl hooguit 4 procent dyslectisch kan zijn.’ Scholen durven ouders geen nee te verkopen is de conclusie van het artikel en als het zo doorgaat, hebben straks alle zwakke leerlingen een leerhandicap.

Bij het surveilleren ligt er allereerst een hele lijst met leerlingen die verlenging hebben: dyslectici maar ook autististische leerlingen, leerlingen met PDD-NOS, leerlingen die nog maar kort in NL zijn etc. Die hebben allemaal een half uur standaard verlenging, ongeacht de zwaarte van hun ‘handicap’ of de lengte van de toets. Gelukkig maar: het zou nog ingewikkelder en rommeliger worden als we daar ook nog in moesten differentiëren.

Dan zijn er sommige dyslectische leerlingen die een vergroting willen (andere juist weer niet), er zijn er die de toets op blauw papier willen (schijnt beter te zijn voor het contrast), bij het examen is er een daisyspeler voor sommige dyslectici (alle teksten worden dan voorgelezen) maar welke leerlingen daar recht op hebben is me niet helemaal duidelijk.

Alle leerlingen moeten de verlenging officieel aanvragen bij de examensecretaris en ze kunnen die krijgen als ze een officiële dyslexieverklaring kunnen overleggen. In het artikel in het Onderwijsblad wordt getwijfeld aan de echtheid van deze verklaringen ‘ik zie rapporten voorbijkomen waarin de diagnose dyslexie in twee uur is gesteld. Dat kan helemaal niet.’

Vervolgens zijn er leerlingen met allerlei andere wensen of eisen: er zijn die met toestemming muziekoortjes in hebben (ze zijn anders te snel afgeleid), of leerlingen die perse voorin moeten zitten, bij het raam of juist achterin. Er zijn leerlingen waarvan het handschrift zo slecht is dat ze alles op een laptop mogen uitwerken (dat wil ik ook wel zeggen andere leerlingen dan want ze kunnen vaak sneller typen dan schrijven). Ze mogen drinken, naar de wc tijdens de toets, soms mogen ze een toets op een ander moment maken (quarantaine). U vraagt en wij draaien!

Dan zijn er de hulpmiddelen: de woordenboeken NE-NE bij alle vakken en bij de talen de woordenboeken vanuit de taal in het NE en andersom, soms zelfs een grammaticakaart. De rekenmachines bij WI, EC en M&O, de binasboeken bij BI, NA en SK.

Zijn al deze voorzieningen wel terecht? Ik heb genoeg leerlingen die ook moeite hebben om hun toets op tijd af te krijgen en die met scheve ogen kijken naar medeleerlingen die een half uur extra hebben, al dan niet terecht. Zijn we hierin inderdaad aan het doorschieten?? En zijn het vooral de kinderen van assertieve ouders die voorrang hebben?

29 Reacties op “Schieten we door?”

  1. Assepoester zegt:

    Allemaal heel herkenbaar. Alleen de oortjes zijn nieuw voor mij. Met de rekenmachines wordt het straks nog lastiger want er komen nieuwe types bij. Wie kan ze dan nog uit elkaar houden?

    Als je de dyslexie- en dyscalculieverklaringen opvraagt en de onderzoeksgegevens van sommige bureaus leest, dan weet je zeker dat er gesjoemeld wordt: vage kreten zonder kwantitatieve onderbouwing.

    Als er een aantekening op het diploma komt van de soort handicap waarmee het examen is gemaakt, dan zou een fors deel van de handicaps wel eens verdampt kunnen zijn.

    En het is wel opvallend dat de autochtonen relatief veruit in de meerderheid zijn.

  2. Tina duindam zegt:

    Bij ons moeten de toetsen tijdens de lessen worden afgenomen. Hoe kan ik extra tijd inlassen terwijl ik het volgende lesuur gewoon les moet geven? En ik heb er ook moeite mee dat ‘gewone’ zwakke leerlingen alles in de normale toetsduur moeten kunnen. Uit eigen ervaring weet ik dat het soms frusterend is voor leerlingen dat zij geen extra tijd krijgen omdat ze bijv. niet dyslectisch zijn maar wel moeizaam lezers zijn. Een leerlinge die al haar gehele schoolcarriere bij elke toets de volle tijd nodig heeft en soms langer om voorgaande reden.

  3. Toon van der Ven zegt:

    Tja, ‘vroeger’ gingen veel leerlingen met een indicatie meestal niet eens naar het vervolgonderwijs; in elk geval niet het vervolg dat zij qua niveau aan zouden kunnen. Er waren alleen indicaties als ‘dom’, ‘slim’, ‘druk’, ‘brutaal’, enz.

    Ik ben blij dat we die tijd achter ons gelaten hebben. Toch herken ik wel iets in de term doorschieten want vaak worden al deze problemen bij de (taal)docent gelegd en klaar zijn we. Gelukkig hebben veel scholen inmiddels een gehandicaptenprotocol maar dat zou eigenlijk door elke teamleider jaarlijks besproken moeten worden als teamopdracht.

    Dat gebeurt nog erg weinig, ook omdat veel docenten zelf altijd klaar staan om mee ‘op te lossen’. Tot de roze bril van het begin van het schooljaar gaandeweg iets donkerder kleurt ..

  4. Lonneke ter Haar zegt:

    Het is duidelijk: niet alle leerlingen die echt een leerhandicap hebben worden zwakke leerlingen genoemd, maar alle leerlingen die zwak zijn, willen straks een aantekening van een leerhandicap, zodat ze meer tijd en/of hulpmiddelen mogen gebruiken. Het moet gezegd, dat ik die ontwikkeling ook op mijn school met lede ogen aanzie.

  5. frances heijmans zegt:

    Ben het eens met Christien, zoveel dyslectici kunnen er helemaal niet zijn.
    Het is een goed idee om de handicap op het diploma te vermelden. Schept duidelijkheid naar het vervolgonderwijs. En is het niet juist iets om trots op te zijn? Want ondanks de handicap heeft de leerling het betreffende diploma gehaald!

  6. Jan van de Velde zegt:

    Eens met de lijn van de column, maar:

    >>Dan zijn er de hulpmiddelen: de woordenboeken NE-NE bij alle vakken en bij de talen de woordenboeken vanuit de taal in het NE en andersom, soms zelfs een grammaticakaart. De rekenmachines bij WI, EC en M&O, de binasboeken bij BI, NA en SK.<<

    Hier zie ik het verband niet. Deze hulpmiddelen hebben niets met zwakke of dyslectische leerlingen te maken, eerder met de benadering van de vakinhoud als geheel, en zijn zeker geen groeiende uitwas van de laatste decennia. Zelfs mijn vader deed eind jaren 40 zijn HBS-eindexamen met een rekenliniaal. Verder, niemand kan zonder idiote zijsprongen de sinus van een hoek van 31° gaan zitten uitvogelen op een kladpapiertje, zelfs onze voorvaderen maakten hiervoor tabellen. Ik zie BINAS niet als een veredeld spiekbriefje, het geeft me als natuurkundedocent zelfs de mogelijkheid om een niet onbelangrijke vaardigheid van leerlingen te toetsen: beseffen dat ze een (algemeen) gegeven missen, dat opzoeken, interpreteren en vervolgens correct toepassen van die informatie. Als ik zonder dat boek een oefening wil laten maken waarbij bijvoorbeeld de dichtheid van koper als gegeven nodig is moet ik dat gegeven op een of andere wijze in de oefening verwerken. Nu laat ik de noodzaak van dat gegeven geheel onvernoemd, zelfs geen hint te vinden, en moet de leerling zelf tot de conclusie komen dat hij de dichtheid van koper nodig gaat hebben, én die opzoeken. Een stuk lastiger, want het vereist extra inzicht en vaardigheden. Voor woordenboeken geldt een vergelijkbaar verhaal.

  7. Gerard Koolstra zegt:

    De opmerking die Jan van de Velde maakt had ik ook willen maken, ik heb daar weinig aan toe te voegen.
    Het grootste probleem heb ik met de extra tijd die wordt toegekend wanneer de juiste papieren kunnen worden overlegd. De beperkte tijd is vaak een belangrijk kenmerk van de toets. Opvallend is dat het CvE – in een recente mededeling i.v.m. dyscalculie- benadrukt dat scholen de toegankelijkheid van de (in dit geval centrale) examens te waarborgen, ook voor kandidaten met een beperking, maar de inhoud niet mag worden aangepast. Je kunt je afvragen of extra tijd geven bij een (zware) toets niet ook het karakter van deze toets aantast. Daar komt nog bij dat in sommige gevallen het relatieve tijdsvoordeel wel erg groot is (bijv. 30 min extra bij een toets van 60 min)

  8. Christien van Gool zegt:

    @Jan & Gerard
    Klopt: de hulpmiddelen hebben niets te maken met dyslectische leerlingen.
    Over de inhoudelijke kant van Binasboeken weet ik niet zoveel – wat woordenboeken betreft: de leerlingen zien vaak de noodzaak niet in om woordjes te leren – ze mogen toch een woordenboek gebruiken?

  9. Jan van de Velde zegt:

    >>de leerlingen zien vaak de noodzaak niet in om woordjes te leren – ze mogen toch een woordenboek gebruiken?<<

    Ik ben geen talendocent, maar als ik zo surveillerend bij een eindexamen Engels of Frans eens zelf door zo'n examen ga dan lijkt me voor geen enkele leerling voldoende tijd gegeven om in elke zin een woord te gaan opzoeken.
    Verder, in mijn eigen ervaring, ook met woordenboeken omgaan is een kunst: de juiste betekenis hangt vaak af van de context, en de juiste betekenis uit een woordenboek halen kan een relatief tijdrovend klusje zijn.

    Om terug te komen op het onderwerp, dyslexie:
    een woord opzoeken in een woordenboek lijkt me een klusje dat voor een echte dyslect een rampje moet zijn, met al die afkortingen, tekentjes en wat dies meer zij.

  10. Christien van Gool zegt:

    @Jan van de Velde
    Laatste punt: heb ik nog nooit bij stilgestaan maar is een goed punt: ik heb dyslecten daar nog nooit over horen klagen (niet teveel verspreiden – willen ze straks allemaal een elektronisch woordenboek …)

  11. Marieke zegt:

    Handicap op het diploma vermelden is inderdaad van het grootste belang. Een vervolgopleiding of werkgever kan nu niet zien of iemand aan de eisen voor het betreffende diploma heeft voldaan met of zonder extra tijd en dergelijke. Terwijl het voor bepaalde banen best van belang kan zijn dat iemand in een bepaalde tijd teksten kan doorgronden. De huidige diploma’s suggereren tegenover zo’n werkgever iets dat niet altijd kan worden waargemaakt. Terwijl de essentie van een getuigschrift juist is dat het bepaalde dingen garandeert.

  12. Teja zegt:

    Zou een werkgever een dyslectische werknemer dan 60 uur per week mogen laten werken voor een 40-urig salaris? :-)

  13. Christien van Gool zegt:

    @Teja
    Misschien zetten ze dan ook braaf een D boven hun sollicitatiebrief zoals ze bij toetsen doen ;-)

    Maar serieus: het is vreemd dat hier nooit over is gesproken om onderscheid te maken in diploma’s – dat geldt dan trouwens niet alle voor dyslecten: er wordt bij vervolgopleidingen of sollicitaties toch haast nooit gelet op cijfers? Alleen het diploma telt terwijl het toch een groot verschil uitmaakt of je met 5,5 gemiddeld slaagt of met allemaal achten en negens. Je zou dan een kwalificatie van het diploma moeten geven aan iedereen zoals in Engeland.

  14. Marieke zegt:

    Ik las ooit ergens dat bedrijven vaak juist wel naar de cijfers op het diploma van het voortgezet onderwijs kijken, omdat daar een uniform landelijk eindexamen is, terwijl in het hoger onderwijs lastig in te schatten is of een 8 bij de ene opleiding hetzelfde prestatieniveau aangeeft als een 8 bij de andere.
    (Maar hier moet ik dan wel weer bij zeggen dat geen enkele werkgever mij ooit naar m’n middelbare schooldiploma heeft gevraagd)

  15. an zegt:

    Dus: zwakkere leerlingen en leerlingen die onvoldoende studeerden, beheersen bij jullie plots wél de leerstof, als ze maar 30 minuten meer tijd voor toetsen kregen, zoals de dyslecten?? En dat ideetje om een handicap op het diploma te vermelden – waarom niet meteen een brandmerk op het voorhoofd? Sommige docenten hier zien over het hoofd dat schoolse prestaties lang niet altijd voorspellen hoe ver een leerling het later schopt. Misschien omdat het beroepsleven meestal andere vaardigheden vereist dan ‘goed en snel kunnen leren op school’? Een docent grafische vormgeving verwoordde het onlangs zo: als we geen compensatie zouden toestaan aan dyslecten, zouden onze meest begaafde studenten vaak geen diploma kunnen behalen.
    @Tina: als je het lesuur niet kan rekken, misschien de toets inkorten?

  16. Christien van Gool zegt:

    @An
    Ter verduidelijking: de opmerking over de zwakke leerlingen in het stuk zelf, is niet van mij maar komt uit het artikel in het Onderwijsblad.
    De belangrijkste vraag die ik stel is: zijn er niet teveel uitzonderingen? En maken er niet teveel mensen onterecht gebruik van?
    Dat schoolse prestaties niet altijd alles zeggen, onderschrijf ik maar je kunt toch niet ontkennen dat er in de meeste beroepen (en vervolgopleidingen) een groot beroep wordt gedaan op leesvaardigheid.
    Zijn er op jouw school veel dyslectici?

  17. an zegt:

    Ja.Heb er in het verleden ook gekend die het achteraf soms verbazingwekkend goed doen. B.v. een jongen, op z’n 19 gestopt met school na 2x doubleren, nu een eigen verzekeringskantoor, een andere, zelfde geval, later omgeschoold tot informaticus, een interieurarchitect, verscheidene vormgevers, een leerkracht Engels die nu redacteur is… Heb via kennissen zelfs weet van iemand met ernstige dyslexie die chirurg is geworden. Snel en nauwkeurig lezen ging niet, maar hartchirurgie dus wel. Hij had het heel moeilijk tijdens de opleiding, maar niet tijdens stages. Het zal wel kloppen dat er overgediagnostiseerd wordt, maar dit neemt niet weg dat heel wat talentvolle dyslectische jongeren het behoorlijk moeilijk hebben op school en alle hulp en steun kunnen gebruiken.

  18. an zegt:

    Met andere woorden: schaffen we werkloosheidsuitkeringen, ziekteverzekering, parkeerplaatsen voor gehandicapten… af omdat er veel misbruiken zijn? Omdat niet altijd duidelijk is wie recht heeft op zo’n parkeerkaart en wie niet en omdat wij de handicap persoonlijk niet altijd goed kunnen inschatten?
    “…als het zo doorgaat, hebben straks alle zwakke leerlingen een leerhandicap”: omgekeerd geldt niet. Iemand met een leerhandicap is niet automatisch een zwakke leerling, al lijkt dit in het VO vaak zo. Het VO dwingt leerlingen te presteren op een welbepaalde manier,die voor dyslectici moeilijk ligt. Sommigen doen het beter aan de universiteit, waar meer vrijheid is hoe & wanneer men leert. Ze moeten daartoe wel eerst het VO ‘overleven’.

  19. Christien van Gool zegt:

    @An
    Examens zijn steeds lastiger m.n. voor dyslectische leerlingen omdat er veel leeswerk is (ook bij vakken als geschiedenis, aardrijkskunde, biologie door allerlei bronnenboekjes etc). Maar dit is ook in toenemende mate lastig voor niet-dyslectische leerlingen omdat leerlingen steeds minder lezen en dus moeite hebben met langere teksten en met concentratie.
    Maar dit is een heel andere discussie dan de vraag of er niet teveel leerlingen zijn die onterecht een dyslexieverklaring krijgen. Zwakke lezers zijn niet altijd dyslectisch. Ik denk dat we kritisch moeten blijven kijken naar dit soort zaken. Het moet niet zo zijn dat vooral leerlingen met assertieve ouders recht hebben op verlenging. Opvallend is bijvoorbeeld dat er relatief weinig allochtone leerlingen zijn met een dyslexieverklaring.

  20. an zegt:

    Op de lagere school in ons dorp had men (blijkbaar) nog nooit van dyslexie gehoord tot er 2 dyslectische zusjes kwamen met assertieve middenklasse-ouders. Deze ouders schakelden logopedie in, lobbyden bij de school, enz. Door de maatregelen die ze voor elkaar kregen + wat men van de logopedie leerde, bouwde de school expertise op waarmee nu andere kinderen, ook die uit niet-middenklasse gezinnen, beter worden geholpen.
    En waarom moeten we zo kritisch blijven, als je daar nu eens echt over nadenkt? Als we die maatregelen nu eens gewoon toestonden aan iedereen die daar behoefte aan heeft? Voor mij telt of de leerling de leerstof kent & voldoende competenties verwerft in mijn vak(ken). Of die wat langer doet over een toets, maakt mij niet uit. Zelf merk ik dat meer tijd geven eigenlijk enkel wezenlijk iets uitmaakt bij echte leerstoornissen. Iemand die onvoldoende leerde en zijn hersenen als een citroen wil uitknijpen, krijgt voor mijn part ook meer tijd – veel voordeel haalt die daar niet uit.

  21. Marieke zegt:

    Meer tijd geeft wel degelijk een voordeel, of het nu bij een wiskundetoets is waar alleen degenen met het scherpste inzicht nog aan de laatste som toekomen, of een toets Latijn waar het kan helpen als je in het woordenboek meer woorden of vormen kunt opzoeken dan de anderen.

  22. Marieke zegt:

    Ik zie het trouwens helemaal niet als een stigma of een brandmerk als helder en objectief wordt vermeld welke score iemand heeft behaald, bij een toets van welk niveau en met gebruikmaking van welke hulpmiddelen of vrijstellingen. Dat doen we overal. Niemand zal het in zijn hoofd halen te zeggen of suggereren dat iemand die luchtflessen gebruikte het wereldrecord diepzeeduiken ZONDER luchtflessen gebroken heeft. Bij zijn record wordt vermeld dat hij luchtflessen heeft gebruikt. Polsstokhoogspringen is een ander onderdeel dan hoogspringen. En iemand die alleen in een automaat kan rijden krijgt geen normaal rijbewijs.

  23. an zegt:

    Vermelding op rijbewijs: ok, als er een beperking is qua soort voertuig dat je mag besturen. Dit hindert je verder niet om te rijden waarheen je wil. Vermelding op diploma: een onmiskenbaar stigma, gezien de vooroordelen waar o.a. dyslecten mee te maken krijgen. Een dyslectische student die ik ken, studeert geneeskunde. Bijna mocht hij niet aan de opleiding beginnen omdat men dacht dat hij sowieso ongeschikt zou zijn als arts. Studeren vergt meer tijd & op examens krijgt hij ook extra tijd of mag hij mondeling toelichten. Uiteraard moet hij hetzelfde kennisniveau bewijzen als anderen. Zijn resultaten: een goede middelmaat. Maar in de praktijk blinkt hij uit. Ik heb evaluaties gezien: empatisch, respectvol, overtreft ruim de verwachtingen qua kennis en vaardigheden… Kortom: op de werkvloer functioneert hij bovengemiddeld. Wat maakt het dan uit op welke manier die kennis is verworven en hoe hij compenseert? Echter: vraag eens aan mensen of ze bezwaar hebben tegen een dyslectische arts? De vooroordelen vliegen je om de oren. Dyslecten zouden het verkeerde been amputeren of foute medicatie voorschrijven (alsof medische blunders doorgaans het gevolg zijn van een leerstoornis).Ga dan maar eens solliciteren met zo’n rode D op je diploma.
    Dyslecten hebben in het VO ook voor wiskunde meer tijd nodig omdat dit nauwkeurig lezen vergt + een goed werkgeheugen, wat net hun probleem is. Deze student had wiskundige bagage nodig voor zijn vervolgopleiding. Heeft het achteraf nog belang dat hij meer tijd kreeg voor toetsen? Als de kennis er maar is. Voor mij ook geen probleem dat een niet-dyslect eens een hoger cijfer haalt met meer tijd. Mijn ervaring is net,dat de meesten er zich te snel van af willen maken. En werkgevers die kijken naar de behaalde punten in het VO??

  24. Marieke zegt:

    “Heeft het achteraf nog belang dat hij meer tijd kreeg voor toetsen?”

    Als de dyslexie na het behalen van het diploma spontaan verdwijnt niet. Anders natuurlijk wel. Kom nou toch…

  25. an zegt:

    Indien we geen compensaties (zoals meer tijd) toestaan, testen we gewoon het onvermogen om snel te lezen ipv van b.v. het wiskundig inzicht. Extreem gesteld houden we dan misschien een computerwizzard
    tegen omdat hij slecht is met taal. Of een prima bakker omdat hij ondermaats scoort op theoretische proeven. Natuurlijk verdwijnt de dyslexie niet, maar het heet niet voor niets leerstoornis. Speelt meestal een veel grotere rol bij het studeren dan bij het uitoefenen van een beroep. Je kiest als vak ook meestal iets wat je met enig plezier kan beoefenen. Ik ken iemand met dyscalculie die 2x doubleerde omdat wiskunde niet lukte en nu beroepshalve offertes opmaakt voor drukwerk. Duizelingwekkende bedragen. Lukt prima met een rekenmachine. Had die job nooit gekregen met zo’n D op zijn diploma, maar voert hem al 10 jaar probleemloos uit.

  26. Marieke zegt:

    Daarom eisen we van bakkers ook geen HAVO- of VWO-vooropleiding. Dat we van bakkers niet hoeven eisen dat ze op VWO-niveau kunnen lezen betekent niet dat we ze een diploma moeten uitreiken dat suggereert dat ze dat wel kunnen.
    DAAR gaat het om. Dat niet meer duidelijk is wat zo’n papiertje nu eigenlijk aangeeft. Dat hetzelfde papiertje bij de een iets anders betekent dan bij de ander, zodat het feitelijk aan waarde inboet. Dat is waar het hier om gaat.
    Dat bepaalde vaardigheden voor het ene beroep minder nodig zijn dan voor het andere heeft met de discussie niets te maken.

  27. Marieke zegt:

    We eisen van bakkers ook geen HAVO- of VWO-opleiding. Dat we van bakkers niet hoeven eisen dat ze op VWO-niveau kunnen lezen betekent niet dat we ze een diploma moeten uitreiken dat suggereert dat ze dat wel kunnen.
    DAAR gaat het om. Dat niet meer duidelijk is wat zo’n papiertje nu eigenlijk aangeeft. Dat hetzelfde papiertje bij de een iets anders betekent dan bij de ander, zodat het feitelijk aan waarde inboet. Dat is waar het hier om gaat.
    Dat bepaalde vaardigheden voor het ene beroep minder nodig zijn dan voor het andere heeft met de discussie niets te maken.

  28. Arie Hoeflaak zegt:

    Nou nou, dit onderwerp maakt wel de tongen los. Wat ik een beetje mis in deze discussie is het gegeven dat kennelijk ouders er steeds meer als de kippen bij zijn om hun prins(es)je aan te melden als ‘bijzonder geval’. Schrijnend voorbeeld van die assertiviteit is de stiefvader van een leerling op het Anna van Rijn college, die een docent door de politie liet oppakken – die dat mirabile dictu nog deed ook!
    Natuurlijk was vroeger niet alles beter, maar wat ben ik blij dat ik niet meer voor de klas sta, niet vanwege de kinderen, maar het oeverloze gedoe eromheen, waar letterlijk iedereen zich tegenaan bemoeit!

  29. Christien van Gool zegt:

    @Arie
    Ja, nogal wat discussie maar goed om de tegengestelde meningen te lezen plus de argumentatie. Misschien de discussie maar beeindigen nu An en Marieke??
    Wat niet meer voor de klas staan betreft: ik sta nog steeds met veel plezier voor de klas en ik hoop met mij vele anderen want dat lijkt mij een van de belangrijkste dingen in het onderwijs!!

Reageer


2 + drie =