[De gastcolumn is dit keer geschreven door Fred Luyben, communitymanager voor Maatschappijleer, en hij schrijft over doorwerken na je 62ste]

Zelf ben ik na 37 jaar lesgeven ermee gestopt. Toen ik nog les gaf besteedde ik ook al enige tijd aan het bijhouden van websites, zoals mijn community binnen de digischool. Daar ben ik mee doorgegaan, dus voor mij was het stoppen geen zwart gat. Ik had nog genoeg te doen.

Toch heb ik toen lang geaarzeld, want ik gaf met veel plezier les en werd gewaardeerd door mijn leerlingen en collega’s. De belangrijkste redenen die mij ertoe brachten om toch te stoppen waren de verplichtingen eromheen: de vergaderingen, de avonden die je kwijt was, het vervangen van collega’s, de werkdruk en ga zo maar door. De rompslomp die in de Onderwijsagenda werd genoemd was voor mij een belangrijk motief om te stoppen.

Nu merk ik dan ook wat een verademing het is om zelf je tijd te kunnen indelen en niet meer aan al die verplichtingen te hoeven voldoen. De komende jaren zullen veel oudere leraren voor deze keuze staan. Voor hen die het hebben gehad met het lesgeven is de keuze niet zo moeilijk. Die kijken verlangend uit naar dat moment. Maar voor hen die nog steeds plezier hebben in hun werk en ook het gevoel hebben dat ze gewaardeerd worden is dat moeilijker. Kunnen ze ondanks hun leeftijd toch langer doorgaan met lesgeven of is het verstandiger om te stoppen, nu ze het lesgeven nog leuk vinden?

In een weblog van NRC Handelsblad stond daar enige tijd geleden het volgende over: “Met 62 jaar is het welletjes voor de leraar. Lerarentekort en verhoging van de AOW-leeftijd ten spijt, wat werkgevers in het onderwijs betreft is het vanzelfsprekend dat hun oudere leraren rond hun 62ste levensjaar stoppen met werken. Dat blijkt uit onderzoek van onderzoeksbureau ResearchNed, verricht in opdracht van SBO (Sectorbestuur Onderwijsarbeidsmarkt).”

De slotvraag uit dat weblog neem ik graag over als discussievraag voor deze column. “Wat denkt u: is doorwerken als leraar na je 62ste te zwaar?”

5 Reacties op “Gastcolumn 12 Stoppen of doorgaan als je 62 bent?”

  1. Mick the Nick zegt:

    Aan de mensen die op deze stelling positief reageren, dus die vinden dat leraren met 62 moeten kunnen ophouden met werken, zou ik de vraag willen toevoegen of het terecht is dat het ‘sociaal akkoord’ dat werkgevers en werknemers afsloten stipuleert dat leraren die nu 55 jaar en jonger zijn, wél moeten doorwerken tot 67. Wordt dat onderscheid terecht gemaakt? Waarom?

    Om het wat scherper te stellen: waarom moet een andere leraar tot 67 jaar doorwerken om uw zogenaamde ‘recht’ op vroegpensionering te kunnen betalen?

    Om het nog wat scherper te stellen nodig ik met name de eerstegraads voor-HOSsers uit om deze vraag m.b.t. de na-HOSsers te beantwoorden. Beste eerstegraads voor-HOSser, u heeft in de afgelopen 25 jaar voor hetzelfde werk zo’n 250.000 euro bruto méér verdiend dan uw collega na-HOSser. Waarom mag die na-HOSser dan ook nog eens opdraaien voor uw vijf jaar eerdere pensionering?

    Kijk, ik snap het wel: we pakken allemaal wat we pakken kunnen. Maar waar is de redelijkheid?

    Sorry voor deze pijnlijke vraag.

  2. Joep de Graaff zegt:

    Ik ben een eerste graad voor-Hosser en ik ben aan alle kanten met mijn neus in de boter gevallen, inderdaad. Ik heb het wel beschamend gevonden dat de jonge collega die het werk net zo goed deed daarvoor minder ontving dan ik. Het betekent denk ik niet, dat ik ook boter op het hoofd heb.
    Het is alles het gevolg van kortzichtig onderwijsbeleid. Het gevolg van de Hos-nota was dat bekwame collega’s naar het bedrijfsleven vertrokken. Het werd daardoor heel moeilijk om collega’s te vinden voor wiskunde en economie bijvoorbeeld. Onderwijs is door die Hos-nota een onaantrekkelijke sector geworden om in te gaan werken. Het gevolg is een nijpend lerarentekort.
    De bonden zijn steeds in de weer geweest om de zittende leraren te beschermen en bestaande rechten te beschermen. Daarvan heb ik geprofiteerd.
    Ik heb minister Deetman indertijd wel een prangende vraag gesteld toen hij op onze school een redevoering kwam houden. De schoolleiding en de oudervereniging raakten er van in paniek, weet ik nog wel.
    Ik heb overigens ook eens collega’s van 57 met een gouden handdruk zien vertrekken: 70% van het laatst verdiende salaris, een ministeriële manoeuvre. Zij stapten fluitend in hun caravans naar zonniger oorden.
    Je hoeft je niet te verontschuldigen voor je pijnlijke vraag. Het is allemaal niet redelijk. Het is zelfs niet rationeel. Het slaat nergens op.
    Men gaat te zijner tijd wel ontdekken dat het ongewenst is om leraren tot hun zevenenzestigste te laten doorwerken. Ik ben nu eenenzestig, ik houd van mijn werk, maar ik sta wel met fluitende gehoorapparaten tussen roerige kindertjes in het lokaal beeldende vorming. Ik moet mijn doofheid compenseren met van alles en nog wat. Ik ben de kampioen van de elektronische leeromgeving, om maar wat te noemen. Ik ben blij met mijn fpu-regeling: volgend jaar nog maar een halve baan, want ik word er wel heel moe van. Die halve baan wil ik eigenlijk wel zo lang mogelijk volhouden, tot 67 desnoods, want ik zie het niet zitten om achter de geraniums te gaan zitten en een caravan heb ik niet. Ik weet niet of dat gaat lukken.

  3. Christien van Gool zegt:

    Zou het geen idee zijn om al die oudere leraren in te zetten als begeleider op school van beginnende docenten en zij-instromers? Zie bericht hierboven van Ferry Haan in De Volkskrant.
    Het is al jaren zo dat beginners op de meeste scholen slecht worden begeleid; het is natuurlijk wel zo dat je het meeste leert door het te doen, dus zelf voor de klas staan, maar met meer begeleiding zou je die eerste jaren je heel wat prettiger kunnen voelen.
    Er zijn binnen scholen ook nog wel wat andere taken te bedenken voor oudere docenten die moeite hebben met een volledig lesrooster zoals de collega hierboven. Kunnen die managers echt weer voor de klas ;-)

  4. Marieke zegt:

    Voorhossers hoeven zich absoluut niet te schamen. Ze hebben hun schaapjes op het droge en zouden er dus voor kunnen kiezen niet op te komen voor de arbeidsvoorwaarden van hun jongere collega’s en daarmee voor de onderwijskwaliteit van hun leerlingen. Maar dat doen ze wel. Meer dan de jongere collega’s zelf! Bij alle acties waar ik tot nu toe ben geweest was het gehalte “grijze hoofden” erg hoog.

  5. Christien van Gool zegt:

    @Marieke
    Klopt – de actiebereidheid onder jongere collega’s is vaak niet zo groot – bij vakbonden ook hetzelfde beeld…

Reageer


5 × zeven =