In een net verschenen rapport, schrijft de onderwijsraad: ‘Nu het stof van de grote fusietrajecten optrekt, wordt zichtbaar dat schaalvergroting naast grote voordelen ook forse risico’s meebrengt.’
Met de laatste conclusie ben ik het helemaal eens, met de eerste in het geheel niet!

Ik heb in mijn loopbaan als docent Engels de nodige fusies meegemaakt: dat begon in het begin van de tachtiger jaren van de vorige eeuw met de fusie tussen PA en Kleuteropleiding tot PABO. Wat is er toen een strijd geleverd tussen de vakdocenten en pedagogen/vakdidactici! Die strijd is toen helaas door de pedagogen/vakdidactici gewonnen: dit heeft geresulteerd in steeds minder aandacht voor vakinhouden en steeds meer voor allerlei competenties. Twintig jaar later wil men weer terug: de roep klinkt om weer twee niveau’s aan te brengen tussen onderbouw en bovenbouw en men wil weer meer aandacht voor vakinhoud (rekenen, taal).

De tweede fusies die ik meemaakte, waren die tussen mavo en havo/vwo scholen. Wat me daarvan nog het meeste voor ogen staat, is de eis van schooldirecties om op alle niveau’s in de onderbouw te werken met dezelfde methodes. Waarbij de (kleinere) groep mavo docenten het onderspit delfde en men gedwongen was te werken met een methode die gericht was op de groep havo/vwo leerlingen: met veel grammatica en een klassikale manier van lesgeven. Gevolg: minder differentiatie mogelijk voor twee heel verschillende groepen leerlingen. En verlies van expertise omdat de mavodocenten didactisch beter waren onderlegd maar zich moesten conformeren aan havo/vwo collega’s.
Het leidde tot veel te grote scholen op allerlei verschillende locaties met collega’s die je niet meer kende maar waar je wel werd geacht om mee samen te werken.

Nu geef ik les op een ROC. Havo/vwo maar dan voor volwassenen (18+): de leerlingen die het in het reguliere onderwijs (net) niet bolwerken. Daar heeft zich in de jaren negentig van de vorige eeuw een fusie voltrokken. Alle goedlopende VAVO scholen moesten worden ingelijfd bij het mbo en alle andere opleidingen voor volwassenen. Dit heeft geleid tot monsterinstituten waar onze leerlingen verloren lopen. In plaats van de gezellige gebouwtjes met een eigen kantine en veel onderling contact tussen leerlingen en docenten, zitten we nu in enorme gebouwen en moet er bij ons worden bezuinigd omdat er elders in dat grote ROC instituut ergens verlies wordt geleden.

Ik daag de Onderwijsraad uit om mij aan te geven waar de grote voordelen zitten van al die schaalvergrotingen die hebben plaatsgevonden. Ik kan ze echt niet ontdekken.  Ik heb alleen maar gezien dat het heeft geleid tot inefficientie (bestuurders weten niet wat er gebeurt op scholen en nemen onlogische beslissingen), bureaucratisering (administratie zit ver weg en er moeten eindeloos veel papieren worden ingevuld), minder werkplezier (doordat je voortdurend tegen muren oploopt en je niet weet waar je moet zijn), minder gunstige werkplekken (verschillende locaties), leerlingen die verloren lopen in grote schoolgebouwen, verlies aan sociale controle – dit zijn zo de eerste dingen die me te binnen schieten ;-)

Zijn er collega’s die voordelen kunnen noemen van fusies die zij hebben meegemaakt? Ik kan ze niet ontdekken.

Persbericht Onderwijsraad
Rapport Onderwijsraad

11 Reacties op “Fusietoets?”

  1. Marieke zegt:

    Ik heb zelf geen fusies meegemaakt, maar als ‘buitenstaander’ zie ik ook zo direct geen voordelen. Een hoge bestuurder van OMO kwam laatst wel in het nieuws met een rits voordelen, waarvan ik er in jouw relaas hierboven al een aantal weerlegd zie worden.

  2. Martina van Campen zegt:

    Nee, ik zie de voordelen ook niet. Wat ik wel zie, is wat bestuurders misschien wel aardig vinden, maar wat docenten maar matig intereseert: schaalvoordeel bij marketing, het corporate image naar buiten toe, veel de jeugd aansprekenede kleurtjes en zelfs reclame op het openbaar vervoer (ik werk in het HBO). Verspilling in mijn ogen, want waarom zouden we in vredesnaam met elkaar moeten concurreren, als we allemaal hetzelfde doel beogen en allemaal van hetzelfde overheidsgeld gefinancierd worden?
    Een grote ict afdeling, dat lijkt heel slagvaardig en kostenbesparend. Het is het niet. We krijgen niet of heel traag voor elkaar wat we willen hebben. De uitvoerders van de ict afdeling weten niet wat de docenten nodig hebben, docenten voelen zich niet serieus genomen, onderhoud gaat buiten iedereen om zodat broodnodige interactieve programmaatjes opeens weg zijn, net als je eindelijk voor elkaar hebt dat ze draaien op de studentcomputers.

    Heel erg verschrikkelijk allemaal, in het MBO zal het niet anders zijn.
    En: geldverslindend.

    Ik kan het dus alleen maar met beide schrijfsters eens zijn.
    Het mag van mij allemaal een stuk goedkoper, als het dichter bij het primair proces (het onderwijs) blijft.

  3. Christien van Gool zegt:

    Nee, klopt – ICT is nog zo’n leuk probleem! Op mijn ROC werken we met Blackboard: je wordt daar zo lang mogelijk tijdelijk in dienst genomen en mijn dienstverband loopt dan af aan het eind van het jaar. Gevolg: ik word uit Blackboard gegooid omdat ik niet meer in dienst ben. Dat ik dan 1 augustus weer wel in dienst ben, kan het systeem niet verwerken. Het heeft me dit jaar drie weken gekost om weer toegang te krijgen tot mijn emailaccount in Blackboard. Ik weet niet hoeveel mensen hebben zich ermee bemoeit: allerlei formulieren zijn eindeloos heen en weer geschoven en er is wat afgemaild (via mijn planet account!). Terwijl mijn leidinggevende zegt dat hij al in juni heeft doorgegeven dat ik in dienst blijf. Ik word daar helemaal wanhopig van! Heb je namelijk net je mailadres aan leerlingen gegeven en die krijgen dan hun mails terug etc etc.
    Om over het installeren van programma’s maar niet te spreken – dat moet je minimaal vier weken van tevoren aankondigen en dan mag je hopen dat het lukt. Hoezo voordelen van schaalvergroting? Alles gaat over eindeloos veel schijven, iedereen wordt moedeloos en haakt af!
    O ja, nog iets: salaris; vorig jaar kreeg ik voor het eerst in november mijn salaris (een voorschot!) over augustus, na heen en weer bellen en klagen. Dit jaar kreeg ik al in oktober salaris maar wel over 2/3 van het aantal uren dat ik geef. De rest moet nog komen want het was verkeerd doorgegeven.
    En zo kan ik nog wel uren doorgaan….

  4. Toon van der Ven zegt:

    Hmm, tsja, op het gevaar af .. toch mijn ervaringen even. Slechte fusies leiden net als slechte projecten of slechte lessen tot onthutsend droevige resultaten. Een aantal van de problemen hierboven beschreven (bijvoorbeeld de Blackboard-ellende)zie ik echter niet als gevolg van fusies.

    Op de ivo-mavoschool waar ik gewerkt heb heb ik een voorbeeld van een prima fusie meegemaakt: in plaats van elkaar wegconcurreren met steeds dezelfde extra leuke projecten zijn de school waar ik werkte en de school van vier straten verderop gefuseerd, in alle rust, tot grote tevredenheid. Heeft de school ook een goede naam en extra aanmeldingen opgeleverd.

    Vijf jaar later heeft een slecht-voorbereide fusie helaas een heel ander beeld en effect opgeleverd.

    In het mbo zie ik in mijn werk hoe kleine roc’s naast duidelijke voordelen, zoals een nog ‘schoolse’ sfeer, dichtbij elkaar en bij de studenten, ook nadelen heeft. De meeste docenten zijn overbelast doordat ze allerlei functies in één persoon moeten verenigen. Op grotere roc’s zie ik dat (tijdelijke) specialisaties makkelijker te organiseren zijn: dat heeft ook zo zijn voordelen.

    Ach ja, overal waar de menselijke maat uit het oog verloren wordt, komen we in de problemen. Respect en waardering voor de ‘menselijke factor’ zijn een succescriterium (om het eens aardig managerees te zeggen). Toon

    PS
    •wie oude kennis koestert en voortdurend nieuwe vergaart, mag een leraar van anderen zijn – Confucius

  5. Christien van Gool zegt:

    Hoi Toon,

    De Blackboard problematiek: is zeker wel een probleem van fusies. Het probleem is namelijk dat alles over zoveel schijven moet lopen en niemand elkaar meer kent om gewoon te zeggen: die persoon moet toegang hebben. Daar moeten formulieren voor worden ingevuld, ondertekend die meerdere personen: dat moet digitaal (je kunt de helpdesk ook alleen maar digitaal benaderen, altijd handig als je niet bij je mail kunt ;-) en moet zijn voorzien van een handtekening maar dat lukt dan weer niet digitaal en dus komt het formulier terug en zo gaat dat dan heen en weer tussen verschillende afdelingen! Echt zo is het gebeurd volgens mijn leidinggevende!
    Ik ben het wel met je eens dat als een opleiding of locatie te klein is, dat er niet echt efficient gewerkt kan worden. Dan staan de kosten voor een concierge, een kantine, een computerlokaal niet echt meer in verhouding tot het aantal leerlingen. Die voorbeelden ken ik ook.
    Ja, menselijke factor: ben ik met je eens! Maar die is er niet bij te grote organisaties. Fusies zijn zinvol als er een noodzaak wordt gevoeld om te fuseren, zoals in het voorbeeld dat jij noemt. Maar de meeste fusies worden van bovenaf bepaald of landelijk opgelegd, zoals indertijd de fusie van het VAVO binnen het ROC. Terwijl niemand er op zat te wachten moest het toch gebeuren en dan begin je al verkeerd.
    Nog een mooi voorbeeld wat ik gisteren hoorde: de gratis schoolboekendiscussie. In het VAVO hebben we daar in zoverre mee te maken omdat er nogal wat leerlingen worden uitbesteed (lln die nog geen achttien zijn, kunnen met ontheffing door de school waar ze zaten worden uitbesteed). Die school krijgt geld voor gratis schoolboeken voor die leerlingen. Maar nu is de vraag: naar wie gaat dat geld als die leerling naar het VAVO gaat? Daar zijn directies dan weer gezellig druk mee. Lang leve de bureaucratie!

  6. Piet zegt:

    Een fusie is niet nodig om samen te werken, veel klassen van veel scholen in 1 groot gebouw huisvesten is niet nodig om te fuseren.
    Begrijpen jullie wat ik hiermee bedoel?
    Samenwerken is ok maar verlies de persoonlijke maat niet uit het oog. Het is bevordelijk voor zowel de sfeer als de prestaties wanneer alle leerlingen alle leraren kennen en wanneer alle leraren alle leerlingen kennen. Om samen een sportzaal te gebruiken (of bijvoorbeeld een ruimte waar zelfstandig gewerkt kan worden), samen dezelfde methodes te gebruiken enz. hoef je nog niet al die scholen in 1 gebouw te huisvesten en 1 bestuur aan te stellen. Toch?
    Misschien offtopic maar wel hetzelfde principe: de klassen zouden niet groter moeten zijn dan ongeveer 20 leerlingen. Ik heb zelf als leerling steeds ervaren dat verreweg de meeste leraren 30 leerlingen niet aankunnen wat hen niet kwalijk genomen kan worden en zelf raakte ik in die tijd als autistische jongen totaal het overzicht kwijt in zo’n grote klas. Wanneer er problemen zijn met bepaalde leerlingen dan is het voor een leraar vrijwel onmogelijk om daar rekening mee te houden en in grotere klassen heb je veel sneller dat de les chaotisch verloopt (veel gebabbel, gefrustreerde leraar die controle kwijt is enz.).
    Ik pleit dan ook voor de menselijke maat, zowel op de gehele school als in de klas.
    Dit kost wat extra geld maar het levert op termijn ook veel op. Goed onderwijs kost nu eenmaal geld en de Nederlandse overheid moet ophouden met voor een dubbeltje op de rang te willen zitten. Bekijk maar eens hoe het percentage van de overheids-begroting voor onderwijs is gedevolueerd sinds de jaren 80 in vergelijking met andere welvarende landen. Kijk ook eens hoe het niveau van het onderwijs is gedaald, wat niet enkel door de tweede fase verklaard kan worden. Pabo-instromers die simpele rekensommetjes niet aankunnen (ik heb ze zelf gemaakt, de mavisten van mijn tijd hadden daar echt geen moeite mee) en een slechte taalbeheersing hebben, TU’s die het 1ste jaar stof van het VO moeten behandelen omdat de kennis van de leerlingen onvoldoende is, de devaluatie van de diploma’s van Nederlandse universiteiten (zo zei een Vlaamse universitaire studente mij laatst dat de Nederlandse diploma’s, net als die van de mindere Americaanse universiteiten, niet meer door alle werkgevers aanvaard worden uit zorgen over het niveau)…
    Het is duidelijk dat het slecht gaat met het Nederlandse onderwijs, op enkele positieve uitzonderingen na waarbij ik bijvoorbeeld denk aan de gymnasia en de natuurkunde-opleidingen.
    Meer geld, meer kleinschaligheid en dus minder fusies.
    Houd de categoriale gymnasia in stand, gebruik ze als voorbeeld voor de athenea, havo’s, mavo’s en VBO’s, scheid de mavo terug van het VBO (in de praktijk, hoeft van mij niet direct in de wet vertaald te worden) en maak bovenal de klassen kleiner.

  7. Christien van Gool zegt:

    Helemaal mee eens: er zijn wel onderzoeken gedaan waaruit blijkt dat kleinere klassen geen beter onderwijs opleveren maar ik geloof dat niet. Het is voor iedereen beter – de werkdruk wordt aanzienlijk minder (minder na te kijken! Vergelijk 30 proefwerken even met 20) en de sfeer in zo’n groep is beter en dat speelt een belangrijke rol bij het succes van onderwijs. Leerlingen verlangen een steeds individuelere benadering – die kun je als docent niet geven bij een klas van 30.

  8. Toon van der Ven zegt:

    Als kleinere klassen geen slechter onderwijs opleveren (dat zal toch wel zo zijn?) en wel meer rust voor de leerlingen minder stress voor de leraren: dan moeten we toch die kant op? Het probleem lijkt me dat dat met het te voorziene lerarentekort personeel niet in te vullen zal zijn. Misschien zouden vo-docenten onderwijstalenten in spe moeten opsporen en wellicht zouden vo-scholen hen een betaald baantje als huiswerkbegeleider of klassenassistent voor een paar uur in de week kunnen aanbieden. Er moet meer nieuw talent naar het onderwijs komen om het bestaande talent te ondersteunen en op termijn te vervangen.

  9. Christien van Gool zegt:

    Klopt – heb ik vannacht toevallig aan zitten denken – waar je ‘s nachts al niet van wakker kunt liggen…
    Het zou veel verlichting geven als je iemand hebt waar je bepaalde taken aan kunt overdragen – er zijn toch wel studenten op lerarenopleidingen die tegen betaling vast wat klussen kunnen doen?
    En wat tekort betreft: de huidige crisis kan wel eens een zegen zijn voor het onderwijs – als er veel werkloosheid elders is, is de aantrekkingskracht van het onderwijs een stuk groter. Zeker als je daar zo aan de slag kunt!

    PS Er is echt recent een onderzoek gepubliceerd (de vorige minister heeft daar nog mee geschermd) dat kleinere klassen geen beter resultaat opleveren. Een Amerikaans onderzoek geloof ik.

  10. Rudy Moddemeijer zegt:

    Ik kom zelf uit de universitaire wereld (eerst als docent en nu in de organisatie) en daar speelt dezelfde problematiek. Universiteiten fuseren nog niet, maar faculteiten wel en de dienstverlening wordt verder gecentraliseerd van faculteitsniveau naar universiteitniveau.

    De schaalvergroting is een maatschappelijke noodzaak. Hieraan valt niet te ontkomen. De enige keuze is hoe we ermee omgaan. De arbeidsverdeling wordt steeds specialistischer. Daarom zien we in de organisatie een verschuiving van generalisten naar specialisten. Op deze verdere specialisatie van arbeid is onze welvaart gebaseerd. Willen jullie terug in welvaart? Mobieltjes zijn zo goedkoop wegens de schaalvergroting in de ontwikkeling en productie.

    In het onderwijs vertaalt zich dit in
    - meer en meer gespecialiseerde opleidingen
    - meer ondersteuning van de docenten door specialisten en speciale ICT voorzieningen
    - toename van de complexiteit van het onderwijsbedrijf

    Een voorbeeld uit de praktijk. Per jaar komt er gemiddeld anderhalf nieuw softwarepakket binnen om de studenten te volgen, evalueren, administreren, te toetsen of te werven. Maar nog steeds moeten dezelfde administraties hiermee werken. Schaalvergroting en specialisering is hier bittere noodzaak om te overleven.

    Nu de andere kant van de medaille. Schaalvergroting moet primair bedoeld zijn om de service te vergroten en niet om te bezuinigen. Welke dienstverlening het ook moge zijn (personeelsadministratie, bibliotheek, gebouwenbeheer of ICT), we hebben een front-office back-office structuur nodig met in het back-office de specialisten. Dit kan niet meer op een schaal van 1000 studenten, dit moet op een schaal van 20.000 studenten of meer. Nu is er een misvatting dat een centraal front-office mogelijk is. En hier gaat het mis. Juist bij het front-office heb je de oude kleinschaligheid met de contacten met docenten en de studenten nodig.

    Wat gebeurt er vaak. De service verleners uit de oude structuren worden in een nieuw keurslijf geforceerd. De locale ICT-er wordt opeens dienstverlener in een mega-organisatie. Deze ICT-er wordt gefrustreerd en start een “eeuwig durende stipheidsactie” door te zeggen dat het vroeger altijd beter was en door te zegen dat het nu zijn verantwoordelijkheid niet meer is. De docent of de student is het slachtoffer.

    Ik heb bewust nergens het woord fusie gebruikt. Het gaat om schaalvergroting. Hoe de schaalvergroting gerealiseerd wordt, dat is een keuze. Wat mogelijkheden:
    - schaalvergroting door fusie
    - schaalvergroting door outsourcing (kantine)
    - schaalvergroting door samenwerking
    - schaalvergroting door een dienstverlener voor het back-office (ICT specialist)
    In het verleden is eenzijdig naar de optie van fusie gekeken, terwijl er meer opties voor schaalvergroting zijn.

    Denk niet dat je de schaalvergroting kan tegen houden, het is een maatschappelijk feit. De kunst is schaalvergroting met een menselijke maat.

  11. Weblog Anna de Groot » Een megaschoolfusie zegt:

    [...] andere gesprekken volgen. Bij het – alweer – googelen (nogmaals excuses, Harm Jan) trof ik nog een weblog van een docent over fusies aan. Ik denk dat deze ene docent de mening over fusies van heel veel docenten [...]

Reageer


× 1 = twee