Goede voornemens 4

Januari loopt alweer ten einde, en daarmee ook onze maand van de goede voornemens.
Natuurlijk blijven wij onderwijsprofessionals onze leerlingen ook de komende tijd inspireren, motiveren en instrueren om hun huiswerk zo goed mogelijk aan te pakken.
Maar ook voor ouders is er een rol weggelegd. Daarom tot slot van deze serie een aantal goede voornemens voor ouders. Wellicht handig om mee te geven op de komende ouderavond?!

Iedere maand staat dit blog in het teken van een bepaald thema. Heeft u wensen voor een volgend thema? Laat het me dan gerust weten!


gedachtes voor de kerstvakantie

In het onderwijs worden leerlingen voorbereid op hun toekomst. Maar de maatschappij verandert en dus hebben leerlingen straks misschien andere kennis en vaardigheden nodig…
De Rijksoverheid wil hierover in gesprek gaan met onderwijsprofessionals, maar ook met ouders én leerlingen. Via http://www.onderwijs2032.nl kunnen mensen hierover de dialoog met elkaar aangaan. Dat moet dan uiteindelijk leiden tot een nieuw curriculum en nieuwe kerndoelen…

Uiteindelijk wil iedere docent of mentor natuurlijk zijn of haar leerlingen voldoende bagage meegeven om straks succesvol te kunnen zijn. Ik merk, ook in mijn werk, dat veel ouders, leerlingen én vooral ook docenten op dit moment nog heel erg bezig zijn met toetsscores op specifieke kennis en vaardigheden.

Nu heb ik net het boek 'The global achievement gap' van de hand van Tony Wagner gelezen en het probleem dat Wagner signaleert is dat we het in het Westen niet gaan redden met hogere toetsscores, terwijl dat wel precies is waarop westerse overheden zich blindstaren.
We gaan het in de wereld niet redden als we ons beperken tot het aanleren van zoveel mogelijk feitenkennis en als we onze energie blijven steken in het dresseren van kinderen tot hoge scoorders op gestandaardiseerde toetsen. Op dat vlak zullen we het nooit winnen van de Aziaten, die zich even goed die kennis kunnen eigen maken en vervolgens hun werk voor een veel lager loon zullen uitvoeren dan wie ook in het Westen.

Wagner stelt dat wij westerlingen ons in de wereld kunnen onderscheiden met dat wat Wagner de "7 survival skills" of "21st century skills' noemt.
Die omvatten:
1. kritische reflectie
2. samenwerken
3. aanpassingsvermogen
4. proactiviteit en ondernemerschap
5. effectieve communicatie
6. analytisch vermogen
7. nieuwsgierigheid en verbeeldingskracht.

Wat we nodig hebben zijn proactieve, zelfsturende professionals die het gesprek aangaan met mensen die anders tegen de dingen aankijken zodat ze elkaar kunnen helpen de beste oplossing te vinden voor problemen die ze in hun werk tegenkomen. Mensen die hun visie helder onder woorden weten te brengen zodat ze er met anderen over in gesprek kunnen gaan. Mensen die de dingen niet voor lief nemen maar nieuwsgierig zijn naar hoe het anders en beter zou kunnen.

Onderwijsprofessionals – nu nog vaak de blik niet verder reikend dan de eigen klas – zouden veel meer met elkaar in gesprek moeten gaan over wat goed onderwijs is.  Zogenaamde lerende netwerken waarbij docenten van elkaar zowel binnen als buiten de school kunnen leren én elkaar kunnen uitdagen… Volgens Wagner is samenwerken in dit soort lerende netwerken de enige manier om de effectiviteit van het onderwijs significant op een hoger plan te brengen. 
Het isolement waarin leerkrachten werken staat de ontwikkeling van het onderwijs in de weg.

Wagner verwijst naar het Finse model. Daar vertrouwt de overheid erop dat de denkkracht van de leerkracht het systeem tot optimale ontwikkeling brengt, in plaats van de leerkracht als stemloze uitvoerder van beleid te behandelen. In Finland gaat men ervan uit dat leraren zelf kritisch denken en een visie op onderwijs uitdragen in plaats van enkel maar 'aan de eisen voldoen'

Dus niet méér toetsen en meer goochelen met cijfers, niet meer expertise van buitenaf, niet meer controle – maar meer openheid, meer contact, meer dialoog, meer samenwerking tussen de mensen die onderwijs geven.

Die samenwerking is ook iets wat we willen faciliteren in de community studiebegeleiding.
In onze Linked-in groep kunnen studiebegeleidingsvraagstukken, maar óók tips met elkaar gedeeld worden..

Laten we daar het komende kalenderjaar met zijn allen gebruik van maken!

Ik wens alle communityleden een heerlijke kerstvakantie om lekker tot rust te komen, te bezinnen en inspiratie op te doen voor een fantastisch nieuw onderwijsjaar!

Fysieke Leeromgeving

Fysieke leeromgeving

Bij fysieke leeromgeving gaat het om de materialen die aanwezig zijn, maar ook de werkplek. Een goede fysieke leeromgeving helpt de leerling efficiënt te werken en leidt tot minder afleidingen.

  • Materialen (d.w.z. schoolspullen):

    boeken, schrift/notitieblok, map, agenda, computers, enz.

  • De werkplek:

    een goede werkplek moet aan een aantal voorwaarden voldoen, namelijk 1) een ruim bureau waarop een paar boeken open gelegd kunnen worden en waarop de leerling voldoende ruimte heeft om in een schrift of op een notitieblok te schrijven, 2.) een stoel die goede ondersteuning geeft aan de rug en comfortabel zit, 3.) voldoende verlichting, 4.) een goede ventilatie zodat er voldoende zuurstof is om goed te kunnen werken en 5.) een temperatuur van ongeveer 19 °C.

     

    Het is belangrijk om bij het kiezen van de juiste werkplek extra aandacht te besteden voor afleidingsbronnen: 1.) een werkplek met zicht op activiteiten kan afleiden (bv. TV, spelende kinderen, computerspellen), 2.) een telefoon en een computer kunnen een bron van afleiding zijn mits er duidelijke afspraken zijn gemaakt en 3.) het luisteren naar muziek kan de concentratie belemmeren of juist stimuleren.